mijn jaar 2018 APRIL

Het is zeer waarschijnlijk iets meer dan 30 jaar geleden dat ik voor het laatst aan de Costa Brava was. L’estartit en Platja d’Aro. Een oude geleende caravan en de kinderen nog heel klein. Nooit meer die kant op geweest. Jammer eigenlijk want het is toch echt de moeite waard. Ik sta nu een paar dagen op een groot parkeerterrein in Sant Feliu de Guíxols. Van hieruit gaan er mooi aangelegde wandelpaden langs de kust. Ik kom ogen te kort zoveel mooie dingen kom ik tegen.

Ik ben nu vier maanden onderweg en het is wel erg leuk hier een ontmoeting te hebben met mijn geschenkzoon die hier met zijn gezin een weekje het nog koude Zweden ontvlucht is. Zij zijn weer terug en ik zou nu naar Italië gaan maar blijf toch nog wat hangen hier in Catalunya. Er zijn nog een paar dingen die ik graag wil zien. Daar over een volgend keer.

Na zonneschijn komt regen of is dat nu net andersom. Nou ja in ieder geval zit er behoorlijk wat regen in de lucht. Ik ben op weg van het gezellige plaatsje Sant Feliu de Guixols naar Figueres waar ik eens ga kijken bij het theater van Salvador Dali. Natuurlijk rij ik over kleine smalle wegen en daar heb ik geen spijt van. Op deze Gi 662 rij ik plots een heel oud stadje in, nou ja stadje het zijn een paar monumenten maar wel met een Michelinsterren restaurant. Nu heb ik net gegeten dus dat restaurant maar overslaan. Nee hoor smoesje, in je uppie is er niets aan, zoiets doe je met je geliefde. De weg gaat verder langs prachtig in bloei staande velden en dan is daar weer ´zo´n verrassing, Peratallada. een hele oude plaats er zijn restanten gevonden uit het bronzen tijdperk.

sd 2
sd 4
sd 3
sd 1

Het is nu zondag. Ik heb via internet een kaartje gekocht voor het theater museum Dali. Tot 1939 was het in gebruik als theater maar tijdens de burgeroorlog werd het gedeeltelijk verwoest. In 1974 werd het in gebruik genomen als Dali museum. Salvador werkte zelf mee aan het tot stand komen van het museum. Ik mag om 13:00 uur naar binnen. Wel lekker zo doorlopen, als je buiten de rij wachtenden ziet staan, ingepakt in plastic of onder de paraplu. Als die lange rij die buiten staat ook nog naar binnen moet mogen er eerst wel een aantal naar buiten. Ik kom n.l. terecht in een mensen massa. Voetje voor voetje schuivelen langs de prachtige kunstwerken. Heel mooi maar ik krijg het echt benauwd en sta na een half uur weer buiten. Dit is echt te gek, zoveel mensen op een kluitje. De regenachtige zondag doet zijn werk, kom jongens het regent laten we gezellig naar het museum gaan. Ik besluit om verderop in de week maar eens in Cadaque te kijken bij het huis van Dali. Dat moet rustiger zijn.

Cadaque ligt aan een baai aan de Costa. Je komt er over een haarspeltbochtige weg. Maar helaas mag je het dorp niet in met de camper, tenminste het centrum. Ik haal de Trotter maar eens uit de Sprinter, helmpie op en naar beneden gesjeesd. Wat rijdt dat toch lekker, ook zonder problemen weer terug naar boven. Die Trotter is toch wel een van mijn gelukkigste aankopen.

trotter 1

Het is dinsdag en bij het huis van Dali is het een stuk beter georganiseerd. Iedere tien minuten mogen er tien mensen naar binnen met een dame die uitleg geeft. Toevallig is mijn groepje Engelstalig en we krijgen dan ook uitleg in die taal. Wat een aparte man was die Dali toch. Een door en door kunstenaar. Ik dacht altijd dat het een grote man was maar wat blijkt hij was 1,72 niet echt groot maar zijn vrouw was echt klein en daarom leek hij groter. Ik plaats een aantal foto’s met tekst om een indruk te geven van deze karakteristieke man.

sd 5
standbeeld in de haven van Cadaque
sd 6
sd 7
die zwanen zwommen in zijn zwembad en staan nu opgezet in het huis
sd 8
in zijn atelier staan nog de werken waar mee hij bezig was. Dit zijn kopieën de originele hangen in het theater museum
sd 10
de zeer riante slaapkamer
sd 9
uitzicht vanuit de slaapkamer. er hangt een schuine spiegel zodat hij vanuit bed naar de zonsondergang kon kijken
sd 12
dit lijkt een gewone kast maar dat is schijn, achter een van de deuren is een geheime kamer voor “speciale” gasten.
sd 15
dit is dan de geheime kamer. een ronde koepel kamer
sd 14
het dak van het huis

DE VLINDERS VAN ROQUEBRUN

Er moet mij toch eerst even iets van het hart. In 2010 op weg naar Santiago de Compostela mocht/moest ik  1000 km door Frankrijk lopen. Mijn toch al niet hoge verwachtingen van de Fransen werden helaas bewaarheid door de arrogantie waarmee ik benaderd werd. Nu zal daar mijn niet al te beste Frans aan meegewerkt hebben. Als ik de weg vroeg werd ik regelmatig de verkeerde kant opgestuurd. Begrepen ze mij verkeerd? Uitzonderingen waren er ook hoor. Op mijn tocht door Europa is het dus de bedoeling vanuit Spanje zo snel mogelijk door Frankrijk naar Italië. Maar wat is het toch een verdomd mooi land. In ben nu terecht gekomen in Roquebrun in de Lanquedoc. Een oud stadje aan de rivier de l’Orb. De weg hiernaartoe was ook zo schilderachtig dat ik telkens zo in mijn uppie zat te ohh-en. Wat doe ik dus? Even rekenen, 15 mei mijn lief in de armen sluiten op het vliegveld van Pisa. Ik heb genoeg tijd om hier nog wat verder rond te kijken. Niet dus als een speer door Frankrijk.

brun 6
brun 3

Vandaag is het eindelijk weer eens prachtig weer. Het wordt 22 graden en dat is best wel al heet in de zon. Tijd voor een fikse wandeling. Er loopt een route naar de col de Locnos maar 4 heen en weer 4 km terug. Net lekker. Mijn Hanwags aan, gevuld rugzakje op de rug en lopen. Ik begin laag bij de rivier maar al snel gaat het flink naar boven. Het asfaltpad gaat over in een kiezelpad en voor ik er erg in heb ben ik al flink hoog. Het valt mij op dat na een paar bochten de rivier al klein geworden is. Het begint nu toch al aardig warm te worden en het luie zweet van de afgelopen dagen moet er toch een keer uit. De druppels lopen langs en in mijn ogen. Heel handig heb ik geen zweethaarband in mijn rugzak gedaan maar wel @mijnlief, voor de zekerheid een donzen jasje. Ja je weet maar nooit. In die paar km ben ik toch op 376 meter hoog gekomen. Hier is een soort kruispunt, er loopt nog een blauwe route die is 18 km, de twijfel slaat toe. Doe ik het of doe ik het niet. Ik heb maar een flesje water en een klein stukje stokbrood bij me. Ik besluit om het niet te doen en ga dezelfde weg weer terug.

brun 5
brun 4
brun 8

Het loopt lekker zo naar beneden en kijk daar fladdert een witte vlinder om mij heen. Wat gezellig en even later komt daar nog een donkere vlinder bij. Er zijn nog veel meer vlinders maar deze twee blijven om mij heen draaien. Het lijkt wel een soort teken. Intimi begrijpen wel wat ik bedoel. Als ik verder naar beneden ben zijn ze verdwenen.

donkere vlinder
witte vlinder

Beneden in het stadje is een soort streekmarkt met allemaal verse biologische producten uit de buurt. Er staat ook een grote kraam waar het erg druk is. Hier wordt plaatselijk gebrouwen Roquebrun bier verkocht. Natuurlijk ga ik ook even keuren. De eerste slokken zijn lekker maar het is voor mij toch wat aan de zoete kant. Ik heb het glas wel keurig leeg gedronken. Ik loop nog wat rond en er wordt zowaar regelmatig bonjour tegen mij gezegd. Moet toch niet gekker worden.

DE SPEER IS GEBROKEN

In mijn vorige blog  DE VLINDERS VAN ROQUEBRUN schreef ik dat ik als een speer door Frankrijk wilde. Die speer is gebroken., voorlopig blijf ik toch nog even. Ik weet niet waar aan het ligt maar de mensen, lees Fransen, hier in dit deel van Frankrijk zijn alleen maar aardig. Ik weet niet wat ik meemaak. Onderweg in de bakkerij begint het al. Het is een bakker waar je ook koffie kunt drinken. Dat doe ik dan ook en een alleraardigst meisje met een glimlach van oor tot oor maakt mij duidelijk dat ik vast ergens kan gaan zitten dan kom ik de koffie (met een zoetigheidje) dadelijk brengen. Het lijkt wel of de koffie dan ook beter smaakt. Het zoetigheidje had ik trouwens beter niet kunnen nemen. Je tanden zouden er spontaan van uit je mond kunnen vliegen. Ik ben inmiddels in Saint Julien de la Nef dat ligt in de Cevennes aan een riviertje de l’Herault. Het is een natuurcamping en weer een alleraardigst meisje die zegt, zoek maar een plaatsje uit en als je weg gaat merk ik het wel. Nou ruimte zat, ik ben de enige losse gast en verder is er nog een Frans stel dat zijn seizoensplaats aan het inrichten is. Zoveel plaats dus nog even moeilijk een keus te maken. Ik heb hier vijf nachten gestaan en er twee video’s van gemaakt. Een van de camping en een van to-do in de omgeving.

Na vijf nachten ga ik weer on the road voor zo’n 95 km. Nog steeds in de Cevennes maar een stukje verder. Ik ben op weg naar Méjannes-le-Clap een werkelijk schitterend gebied. Onderweg stop ik in een impuls voor een lifter. Beetje sjofel figuur. Half lange broek maat gezinstent waar over de broekriem een buik hangt die zonder broek waarschijnlijk goed dienst doet als afdak voor de edele delen. Hij heeft een grote koffer bij zich. Met moeite klimt hij op de bijrijdersplaats en eenmaal geïnstalleerd begint hij zowaar in redelijk Engels tegen mij te spreken. De koffer zit vol met een soort houtsnijwerk dat een vriend van hem maakt en hij probeert dat op markten te verkopen. Nu is hij weer onderweg naar huis. Hij ziet mijn powerbank liggen en vraagt, mag ik mijn telefoon even opladen. Ja waarom niet? Na ongeveer vijftien km moet ik linksaf en hij de andere kant dus hij stapt weer moeilijk uit over de flessen water die ik bij de deur heb staan. Mag ik een fles voor onderweg? Ja waarom niet? Ik rij op mijn gemak verder en na een een klein uurtje hoor ik een vreemd geluid. Een beltoon die niet de mijne is. Nee hè, daar ligt zijn telefoon nog aan de powerbank. Na tien keer bellen neem ik hem als ik ergens gestopt ben op. Thomas staat er in het venster en die spreekt ook aardig Engels. Afgesproken dat ik hem de volgende dag zal opsturen. Hij SMS’t het adres. Wat een toestand voor vijftien km een lifter mee.

IK DACHT DAT IK NIET BANG VOOR HONDEN WAS.

Afwisseling moet goed zijn hoor ik altijd. Gisteren een stuk gefietst dus vandaag is lopen aan de beurt. Op mijn GPS app zie ik dat direct vanaf de camping er een track start. Het is 26° dus wel wat extra water en een hoofddeksel mee. Met dat steeds dunner wordende haar als hoofdbedekking moet ik toch andere maatregelen nemen. Toen ik nog haarwerker(iemand die pruiken en haarstukjes maakt) was zei ik altijd, jammer dat ik zo’n dichte bos haar heb, was ik maar kalend dan kon ik laten zien dat mijn haarwerk onzichtbaar is. Gekke zin hè. Nu denk ik, ik zet wel een petje op. Maar ik dwaal af want dit verhaal gaat over een walkingtrail.

Direct bij de camping ga ik over smalle paadjes de hoogte in. Het is echt steil. Ik moet soms toch even stoppen om wat rustig te kunnen ademhalen. Boven kom ik uit op een soort breed zandpad en dat loopt heel relaxt.

Ik loop met poles en de langlauftechniek zorgt ervoor dat ik er een flink tempo in krijg. Dan een bord met waarschuwing dat de volgende 400 meter best wel moeilijk kunnen zijn. Er is wel overheen gekladderd en terecht want echt moeilijk is het niet, het enige is dat je met zo’n 2o% naar beneden gaat. Inderdaad niet echt prettig voor de knieën.

Beneden kom ik uit bij de rivier. Tijd voor de banaan en een flinke slok water.

Overal van die bordjes. Alles is perfect aangegeven in dit gebied. Met een goede kaart erbij en als je niet stekeblind bent kun je niet verdwalen. Ik ga richting Montclus. Lekker een beetje schaduw en flink tempo erin. Het enige lastige van die poles is als je weer eens een foto of stukje video wil opnemen. Maar dat die ik toch regelmatig. Na enige tijd verlaat ik het makkelijk lopende verharde pad weer en duik de bush weer in. Maar eerst even een appeltje eten. Tenminste ik dacht even. Normaal eet ik een appel in een paar happen op maar nu heb ik net gelezen in De Tao van het lichaam dat je de appel helemaal moet opeten, ook het klokhuis met pitjes. Die moet je eerst goed fijnkauwen. Ik probeer het eens en ben er toch wel een kwartier mee bezig.

Uiteindelijk kom ik op een verharde weg uit en dat is niet de bedoeling. Op mijn GPS zie ik dat er nog wel een paadje naast loopt en die vind ik ook. Het is een beetje rommelig pad en het begint te ruiken. Ik denk aan oerpaarden of runderen. De lucht wordt sterker en wat denk je, zomaar midden in de bush kom ik bij een omheining waarachter een paar honderd schapen staan te grazen. Ik loop erlangs als plotseling er twee honden met het formaat van stevige pony’s op mij af komen rennen in standje super agressief. De omheining ziet er ook niet echt sterk uit. Ik loop met hoorbaar bonkend hart door, kijk ze niet aan en hoop dat er geen gat in de omheining zit. Nou ik ben er nog dus geen gat. Maar door die toestand ga ik zomaar een pad in zonder te kijken of dat het goede is. De honden blijven nog een hele tijd blaffen al ben ik al lang uit het zicht. Het lijkt wel een soort ex riviertje. Het gaat super steil de diepte in. Alleen maar rotsblokken. Het gekke is dat dit pad niet aangegeven staat als wandelpad op mijn GPS. Het blijft maar dalen. Ik zal toch niet door die honden het verkeerde pad zijn ingeslagen? Om weer helemaal naar boven en weer langs die lieverdjes te gaan zie ik niet zo zitten. Net als deze negatieve gedachtes de overhand beginnen te krijgen ben ik beneden en daar staat zelfs een bordje. Linksaf. Het is een pad wat niet veel belopen wordt want het is behoorlijk overwoekerd maar mooi…….

En dan zonder er erg in te hebben ben ik zomaar weer op de camping. Het was toch de goede weg.

Her was een enerverende wandeling.

Advertenties

6 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s