Kan er nog meer stuk aan een voet


Hoofdstuk 3

In 2010 liep ik van ede naar Santiago de Compostela

Mijn belevenissen heb ik beschreven en plaats deze hier in delen.

Kan er nog meer stuk aan een voet

Na het zwarte drab avontuur loop ik weer gezellig verder. Mijn schoenen zijn nog niet helemaal droog maar het lijkt best te gaan. Spierpijn en de eerste blaar heb ik al doorgeprikt. Maar niet klagen dat hoort er nu eenmaal bij. Ik geniet van van het prille voorjaar en het hier mogen lopen. Door mijn gebrekkige Frans en het feit dat “de Fransen” geen Engels willen of kunnen spreken maak ik niet erg veel contact.

Ik loop per dag zo tussen de 25 en 30 km, goed te doen. Na zo’n tien dagen wordt het lopen toch wat meer strompelen. Als ik mijn sokken uittrek zie ik meer pleisters dan naakte voet. Tape op mijn hiel en wreef. De lage schoenen blijken toch niet echt bij mij te passen. Om mijn voeten wat rust te geven las ik een rustdag in. Ik ben inmiddels in St Valery sur Somme. Een historisch stadje. Ik logeer in een B&B en slaap heerlijk. Mijn rustdag gebruik ik om toerist te spelen. Heerlijk slenteren zonder dat gesjouw met die rugzak. Er loopt een toeristisch stoomtreintje om de baai van de Somme heen naar Le Crotoy en ja hoor ik neem een retourtje met deze stoomtrein.

De volgende morgen moet ik mij er echt toe zetten om weer op pad te gaan. Alle blaren weer doorgeprikt, ingesmeerd met zalf en flink in de tape. Mijn schema is om toch wel iedere dag 25 km te lopen maar op deze manier met deze voeten gaat dat niet lukken. Plan B wordt in werking gezet. Ik laat mijn lekker ingelopen Hanwags overkomen en stuur deze lage schoenen terug. Nog een weekje volhouden.

Pijn went vooral als je leuke dingen meemaakt.  Ik kom door een iets groter dan een klein dorpje en er komt een man mij tegemoet. Het blijkt de burgemeester te zijn. Hij is ook naar Santiago de Compostela gelopen en is zeer enthousiast. Ik moet mee naar het gemeentehuis, het is zondag en  dus gesloten. Hij heeft natuurlijk de sleutel en eenmaal binnen komen de verhalen los. Ik krijg te drinken en wat te eten en hij moet ook zijn gemeente stempel in mijn pelgrimspaspoort zetten. Het is jammer dat het nog vroeg is anders had ik daar mooi kunnen slapen.

En dan is daar Le Treport. Een stad met een Église Saint Jacques. Eindelijk eens goedkoop slapen denk ik. Naast de kerk is een zaaltje waar een paar nonnen aan het werk zijn. Kan ik hier ergens slapen? Nou dat weten ze niet, ik moet het maar even proberen bij de pastorie. Grote pastorie die bij zo’n grote kerk hoort. Ik bel aan en er gebeurt niets. Nog een keer bellen en dan gaat de deur open. In de deuropening staat een priester van, hoe moet je dat tegenwoordig ook al weer zeggen, van Afrikaanse afkomst. Zijn witte priester boordje steekt goed af. Wat ik kom doen? Ik ben pelgrim, ben op weg naar SdC en zoek een slaapplaats. Of ik een oneerbaar voorstel doe zo kijkt hij mij aan. Hij heeft nog nooit van Santiago de Compostela gehoord. Ik laat mijn pelgrimspaspoort zien waarop ook in het Frans uitleg op staat maar nog begrijpt hij het niet. De pastoor, zijn baas dus eigenlijk,  is in Parijs, kom maar terug als hij er weer is. De deur wordt voor mij gesloten. Weer op zoek naar een betaalbaar hostel. Dat is wel een voordeel in Frankrijk, er zijn genoeg goedkope hotelletjes. 

Nu heb ik nog geen stempel in mijn pelgrimspaspoort. Het is acht uur en ik wil weer gaan lopen maar eerst toch die stempel. Ik bel weer aan bij de pastorie en nog eens en nog eens, dan gaat er boven een raam open en kijkt mijn Afrikaanse  vriend op mij neer gekleed in een spierwit hemd. Ik wijs op mijn pelgrimspaspoort en maak een stempel gebaar.Hij doet het raam dicht. Gestommel en daar maakt hij zuchtend de deur open. Ik mag zowaar mee naar binnen en krijg zonder een woord te zeggen een stempel. Dat was Le Treport.

Mijn schoenen die vanuit Nederland moeten komen zijn er nog steeds niet maar ik moet toch verder. De route vandaag loopt niet langs de kust maar gaat over lange rechte landwegen. Geen leuke koffietentjes en de dorpjes waar ik doorheen kom lijken wel uitgestorven. Mijn brandertje doet goed dienst. Ik kan zelf water koken voor een pijpje oploskoffie. Hoe verslavend kan koffie zijn. Na een paar uur lopen ruik ik gewoon koffie. 

Mijn voeten doen nu echt pijn en de lange rechte saaie wegen lijken steeds langer te worden. Ik wil niet meer, ik wil naar huis. Dit is niet wat ik mij er van voorstelde. Ik heb zoveel positieve verhalen gelezen over de camino. Zijn dat allemaal supermensen? Maar ik kan niet stoppen, een van de redenen waarom ik de camino loop is mijn vader zaliger. Hij had altijd opmerkingen tegen mij zoals “dat lukt je toch niet of dat kun jij toch niet”. Nu had hij wel een beetje gelijk, ik begin meestal erg enthousiast ergens aan maar maak niet vaak het ook werkelijk af en nu wil ik toch bewijzen dat ik dit wel degelijk afmaak. Mijn doel is SdC te bereiken. Toen wist ik nog niet dat SdC niet het doel is maar dat mijn weg het doel is. Maar dit terzijde. 

Zo alles overdenkende en door mijn gestrompel zie ik het even niet meer zitten. Maar dan gebeurt er iets dat ik nog steeds niet kan verklaren. Ik loop langs weilanden en daar net naast een heg ligt een hele berg met jacobsschelpen. Hoe komen die hier nu verzeild. Is dit een teken? Ik blijf een tijdje staan en voel mijn energie terugkomen. De laatste zes km naar mijn overnachtingsplaats lijkt het alsof ik word gedragen. Helaas heb ik geen foto van deze berg met schelpen maar dat is weer een ander verhaal.

Wordt vervolgd

blog reisblog te voet naar Santiago de Compostella

Van Valencia naar Alfaz del Pi

We worden gewekt door een lekkere zon in ons gezicht. Vandaag verlaten we Valencia maar eerst toch nog even een stuk over het strand lopen. Het is al na tweeën als we vertrekken om een klein stuk af te zakken richting Alicante. De eerste plek die we eigenlijk uitgezocht hadden voelde niet prettig aan. Op een punt waar een kleine rio de zee inkomt. Heel winderig en de camperplek leek een beetje op een Roma kamp. Snel omgekeerd en een plaats gevonden tussen twee hoge appartement complexen met uitzicht op het strand. Voor een nacht goed te doen. Wel lekker rustig hier want ik denk dat 95% van de flats leeg staan in de winter.

Daar ergens links staan we tussen de flats.

Het is zondag en de mensen die er zijn lopen en flaneren over de boulevard. Het weer is uiterst aangenaam te noemen. Het is altijd even wennen aan die flats maar over het strand lopend kijk ik toch de andere kant op.

Deze kant kijkt prettiger.

Laat in de middag verlaten we deze plek en rijden dwars door de landerijen naar Platja de Piles. Ook dit is in deze tijd van het jaar bijna verlaten. We staan alleen op de boulevard.

Dit gebied werd voor het eerst bewoond door moslims. Zij gingen hier suikerriet verbouwen en de huizen hebben nog steeds Moorse invloeden. Er wordt nog steeds suikerriet verbouwd maar daar is van alles bij gekomen. Veel fruitbomen. Een hele belangrijke inkomstenbron is toch wel het toerisme. De projectontwikkelaars hebben niet stil gezeten. Veel gebouwen staan leeg, zijn niet afgebouwd. Het enige in deze plaats dat goed is, er is geen hoogbouw langs de boulevard. Veel particuliere huizen, maar nu ook leeg en luiken voor alle ramen.

Ons stille plekje aan de boulevard van Piles
Laagbouw op de eerste rij
Eenzame wandelaarster op het stille strand

Een nacht en een halve dag is wel genoeg op deze plek. We gaan door naar Denia. In deze plaats overwinteren veel Nederlanders en ook in de zomer gaan er veel landgenoten naartoe. Het is een oude stad en werd al bewoond in de prehistorie. Bovenop een bergtop staat een imposant kasteel dat zo’n duizend jaar geleden door islamitische Arabieren gebouwd werd. In de vier jaar dat de Fransen de stad bezetten tijdens de Spaanse Successieoorlog in het begin van de 18e eeuw hebben zij het toen geheel vervallen kasteel herbouwd.

Toegang naar kasteel

Denia heeft ook een grote haven. Plezierjachten, ferries naar de Balearen en visbootjes.

De verschillen zijn groot. Momenteel het grootste privéjacht dat er ligt is de Lady Moura. De eigenaar is de Saudi Arabische zakenman, Nasser al-Rashid. Toen het in 1990 gebouwd werd, stond het op de negende plaats van grootste privé jachten. Nu is hij al gezakt naar de 28e plaats. deze is 105 m lang en 20 m breed.

Als de vissersboten erlangs varen lijken het wel Madurodam bootjes.

Wij vinden het geen gezellige plaats en gaan maar weer eens verderop kijken. Een paar jaar geleden stonden we op een camperplaats in Alfaz del Pi en dat is heel goed bevallen. De camperplaats moest sluiten en nu na 4 jaar is eindelijk de vergunning weer verleend. Daar gaan we naartoe.

blog reisblog

Is dit nu al het einde?

Hoofdstuk 2

Is dit nu al het einde van mijn pelgrimage?

Er rijdt een auto richting Wissant, Frankrijk. In de auto, mijn lief, mijn twee zussen en ik. Zij gaan mij uitzwaaien als ik begin aan mijn camino naar Santiago de Compostela. Het is 7 april en ik ben er klaar voor. Mijn rugzak weegt 16 kilo. Aan alles heb ik gedacht. Een brandertje en pannetje om in ieder geval koffie te kunnen maken en een kleine eenpersoons tent. Garmin GPS, telefoon, opladers en natuurlijk routeboekjes en wegenkaarten. Wat kan er nog mis gaan. Nog laatste omhelzingen en daar vertrek ik. Via de GR kust route richting Berck.

Het is prachtig weer, het loopt lekker. Hele stukken over het strand. Schoenen uit en dan door het zand dat mijn voeten heerlijk masseert. De eerste dag loop ik 23 km.

Ik lig vroeg in bed en slaap als de bekende roos. Na een goed ontbijt in het kleine familiehotel begin ik enthousiast aan de tweede dag. Het is voor de tijd van het jaar heel zonnig maar niet te warm. Op de boulevard al overvolle terrassen met mensen die genieten van de eerste voorjaars warmte.Weer hele stukken over het strand. Het strand wordt steeds breder en ik blijf bij de vloedlijn lopen. In gedachte heb ik niet in de gaten dat het wel erg breed wordt. Het lijkt of ik rechtdoor loop maar ik loop gewoon richting zee. Plotseling zak ik weg in een soort zwarte olieachtige drab. Hoe harder ik probeer er uit te komen hoe dieper zak ik weg. Er komt een soort paniekgevoel over mij. Het lijkt drijfzand. Ik sta tot net onder mijn knieën in het zwarte goedje. Hoe harder ik trek hoezeer ik wegzak. Rondkijkend zie ik dat er niemand in de buurt is. Er gaat van alles door mij heen. Dit is het dan, einde camino, wegzakkend en dan vloed. Dag Harry. Maar dan het eerste wonder van de camino. Er komt een rust over mij heen en ik val achterover, eigenlijk op mijn rugzak en dat is mijn redding. Langzaam kan ik mij omdraaien en heel zuigend kom ik in los uit de drab. Op mijn knieën kruip ik achteruit naar harder zand en loop dan een heel eind terug. Eenmaal terug op het normale strand sta ik te trillen op mijn benen. Het gebied achter het strand is moerassig. Er loopt een man met zijn zoontje en zij begeleiden mij door een soort doolhof van paadjes door het moeras heen naar het dorpje. 

Helemaal zwart en ontzettend stinkend kom ik bij een hotel en ik krijg zowaar een kamer. Met al mijn kleren aan stap ik onder de douche en laat de zwarte smurrie er af lopen. Mijn schoenen hou ik ook onder de kraan want die zijn door de drab twee maal zo groot geworden. Bekaf val ik in slaap. Dit is na twee dagen al een avontuur dat ik van te voren niet had ingepland. 

De volgende dag zijn mijn kleren alweer droog, het voordeel van icebraker kleding en start ik weer vol nieuwe moed.

Ik loop sinds kort op lage schoenen. Mijn eerdere loopdagen liep ik op A/B hoge schoenen, op zich niets mis mee. 

Twee weken voor mijn tocht begint is er de landelijke dag van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob in Utrecht. Voor de laatste informatie voor mijn tocht. Ik woon een workshop bij van een camino loper. Een zeer ervaren man en boeiende verteller. Zo praat hij ook over schoenen. Waarom zou je die zware hoge schoenen aantrekken. Je loopt toch veel verhard dus dat is echt niet nodig. Je hebt genoeg aan goede lage schoenen. Veel lichter en comfortabeler.

De twijfel slaat onmiddellijk en hard toe. Ga ik nog nieuwe schoenen kopen. Even over nadenken.

Op het einde van de dag gaan alle “pelgrims” die binnenkort vertrekken op het podium staan en krijgen een soort zegen. Nu ben ik niet kerkelijk maar dit ontroert toch wel.

Gezegend ben jij pelgrim, als je ontdekt dat de camino de ogen opent voor wat niet zichtbaar is.

Gezegend bet je pelgrim, als je je geen zorgen maakt over of jij je bestemming zult bereiken, maar of je die samen met anderen zult bereiken.

Gezegend ben jij pelgrim als je ontdekt dat de echte camino begint na het bereiken van de bestemming.

Gezegend ben jij pelgrim wanneer uw knapzak steeds leger wordt en je hart zich vult met inzichten en wijsheid.

Gezegend ben je pelgrim als je ontdekt dat een stap achteruit om iemand te helpen meer waard is dan honderd stappen vooruit zonder te zien wat er om je heen gebeurt.

Gezegend ben je pelgrim als je onderweg jezelf tegenkomt en je jezelf de tijd gunt, zodat de verbeelding in uw hart gevoed wordt.

Gezegend ben je pelgrim als je ontdekt dat je op je weg altijd gedragen wordt door de Eeuwige.

Toch weer een hele geruststelling.

Het is maandag en toch maar even naar de buitensportspecialist. Nieuwe lage schoenen, Lowa Renegade GTX. Klinkt toch goed lijkt me. Daarom loop ik dus op lage schoenen en laat mijn goed ingelopen hoge comfortabele leren Hanwags thuis.

(Volgende hoofdstuk): “hoeveel kan er stuk aan een voet)

blog reisblog te voet naar Santiago de Compostella

loslaten is de weg, niet het doel

In 2010 liep ik van Ede naar Santiago de Compostela. Het verhaal hiervan publiceer ik in delen. Vandaag het eerste deel.

Hoofdstuk 1

het begin

Frankrijk zo’n dertig jaar geleden en ik sta met de caravan op een camping als er een heel klein tentje naast mij neergezet wordt. Het hoort bij een jonge man die net daarvoor met een grote rugzak op de daarvoor bestemde plaats de camping opkomt. Ik zie geen auto, motor of fiets. Hij is lopend gekomen. Het blijkt ook nog een Nederlander te zijn. Natuurlijk maak ik een praatje en hij vertelt dat hij zijn baan heeft opgezegd en aan het lopen is naar Santiago de Compostela. Hij zal er zo’n vier maanden overdoen. Dat lijkt mij ook wel wat maar daar blijft het dan ook bij. Ik ga gewoon verder met mijn leven zoals ik het gewend ben.

Het blijft wel altijd in mijn achterhoofd sluimeren. 

Maar dan na een behoorlijk moeilijke tijd kan ik niet meer leven zoals ik gewend was. Ik besluit om het ook te doen. Vanuit huis ga ik lopen naar SdC in Spanje. 2400 km. 

Nu ben ik nog niet een geoefende wandelaar, maar wil wel een lange afstand lopen. Hoe ga ik dat aanpakken? Eerst kleine afstanden en dan steeds grotere. Met rugzak loop ik al snel 20 km op een dag en soms twee dagen achter elkaar. Ik kan een sabbatical van drie maanden nemen maar dat is te kort voor de hele afstand. Als alternatief loop ik iedere maand drie dagen. De eerste maand kom ik tot Waalwijk en daar begin ik dan een maand later weer. 

De aftrap is in Ede waarvandaan ik naar Wijk bij Duurstede loop. Dat is direct al 27 km. Het eerste stuk gaat lekker. Het is deze dag behoorlijk heet maar tot aan het mooie stadje Amerongen gaat het veel door het bos. Dan nog 11 km over een bochtige en prachtige dijk in de volle zon. Eindelijk met mijn tong op de schoenen kom ik aan bij mijn lief die daar woont. De volgende dag is het nog steeds warm weer en loop ik naar Zaltbommel. Na de derde dag loop ik zo stijf als een robot van de eerste generatie, maar ben wel al in Waalwijk.

Ik heb een maand om nog wat te trainen en het gaat steeds beter. Dan is het weer de tijd om drie dagen te lopen. Waalwijk- Dongen. Daar woont mijn zus en zwager en ik kan er slapen. De volgende dag vroeg op pad. Na een tijdje kom ik in een dorp en besluit maar eens een kop koffie te nemen. Ik bestel er een en dan slaat de schrik toe. Mijn beurs is weg, ik heb geen rode cent bij mij. Ik bel mijn zus en gelukkig de beurs is uit mijn jas gevallen en ligt in de hal. Zwager komt hem nabrengen met de auto. Dit is het eerste ding dat ik op deze camino meemaak dat goed afloopt. 

In het zelfde weekend ben ik uitgekomen in Antwerpen. In een overvolle trein weer terug naar huis. In Utrecht moet ik overstappen op de trein naar Ede. Ik zit in die trein en wil even op mijn telefoon kijken. Normaal zit die altijd in mijn rechterbroekzak maar deze keer niet. Hij zit nergens, tenminste niet op mijn lijf of in mijn tas. Ik ben hem kwijt. Nee toch. Hij moet ergens uit mijn zak gegleden zijn. Thuis bel ik met mijn vaste telefoon mijn mobile nummer en die wordt direct opgenomen. Het meisje dat tegenover mij zat heeft hem gevonden en morgen is ze in Nijmegen en daar kan ik hem ophalen. Ook weer goed afgelopen gelukkig.

Op mijn rugzak heb ik de bekende Jacobsschelp genaaid en eenmaal in België krijg ik veel reacties. Er rijdt een auto voorbij, de man kijkt uit zijn raampje. Even verderop keert hij en komt weer op mij af. Wat moet die, denk ik. Hij stapt uit en vraagt waar ik heen ga. Naar SdC zeg ik. “Amai, mijne papa liep ook daar naartoe maar op 80 km voor Santiago kreeg hij een hartaanval en hij ligt daar begraven. We hebben een monumentje gemaakt voor hem. Als gij er langs komt hou dan even stil.” 

Eerlijk gezegd ben ik er nu al stil van. 

Hoe verder ik kom hoe moeilijker het wordt om met het openbaar vervoer weer terug te komen. Uiteindelijk kom ik in Wissant , in Frankrijk. Dat is na bijna 400 km.

Ik besluit om vandaar uit te vertrekken en zo’n drie maanden later aan te komen in Santiago de Compostela. Er lopen in Frankrijk een paar pelgrimsroutes die allemaal uitkomen op de Spaanse camino maar ik wil mijn eigen reis uitstippelen en loop mijn eigen weg via diverse GR routes

Wordt vervolgd.

blog reisblog te voet naar Santiago de Compostella

Dit is overwinteren

Het Sint Niklaas feest is voorbij en natuurlijk gaan we eens kijken of hij veilig terug gaat naar Spanje. We volgen hem met Sprintertje en die heeft er weer plezier in. We rijden net lekker of daar gaat de goedheiligman al de weg af. Arras staat er op het bord. Dit is een behoorlijke stad in Frankrijk. Wat gaat hij daar nu doen? Er is op een van de prachtige pleinen een grote kerstmarkt en SN gaat gewoon op bezoek bij zijn collega het kerstmanneke. Voor ons is het een mooie manier om kennis te maken met de Franse folklore. Om binnen de markt te komen moeten we wel even gefouilleerd worden en buiten de markt staan gewapende militairen. Arras is een prachtige stad met mooie gevelhuizen. Beetje jammer is dat het er hard regent.

De volgende ochtend hoor ik al vroeg geluid op de gratis camperplaats. Ja Sint Niklaas moet ook bezuinigen na het dure begin van de maand. Vroeger had hij van die goedkope arbeidskrachten maar Nederland is wakker en de veegpieten eisten direct al een loonsverhoging. Sint heeft het zwaar tegenwoordig. Maar goed hij is al vroeg uit het warme bedje en het is nog donker als hij al op weg gaat. Hij neemt de route nationale en dat betekent veel rotondes, vrachtverkeer en trekkers. Schiet niet echt op. Het weer is wel omgeslagen van regen naar een heerlijk zonnetje. Dit gaat zo door tot weer een verrassende plaats. Hij stopt in Chateau Renault, ook weer een oude plaats met een slot dat nu nog gebruikt wordt als Hotel de Ville. Het blijkt ook weer niet zomaar een plaats te zijn. Deze plaats ligt op de weg naar een collega van hem, Saint Jacques. Ook hier weer een rustige gratis camperplaats. Ik verdenk SN er van dat hij ook de app, park4night op zijn iPhone heeft waar al die prettige overnachtingplaatsen beschreven staan.

Vandaag gelukkig iets later op weg dan gisteren en SN heeft genoeg van al die rotondes en pakt de tolweg. Dat schiet lekker op. De zon schijnt weer volop en tegen half vier stoppen we al in Cap Breton. Dit is bekend terrein. Het is een camperplaats direct voor het strand. Hier zijn de golven en hun geluid zo groots. Er zijn twee surfers die het wagen in deze kolkende watermassa hun kunsten te vertonen. Ze gaan achterop een waterscooter en wachten tot de grootste golf komt en dan pakken ze die hele golf mee naar de kust. een machtig schouwspel.

Twee jaar geleden op deze plek stormde het zo hard dat we midden in de nacht zijn vertrokken naar een beschut plekje in het dorp. Het leek of sprintertje op zijn kant ging. Bijna iedereen vertrok maar nu was het weer prachtig. Sint Niklaas weet de plekjes wel uit te zoeken.

Hier neem ik afscheid van Sint Niklaas, hij gaat richting Madrid en wij gaan naar Valencia. Hij redt het verder wel alleen, tot volgend jaar.

We gaan onderweg met noodweer. Regen en harde wind. Veel vrachtverkeer op de baan en de ruitenwissers staan op de hoogste stand. Ik kan en durf niet harder te rijden dan 80 km p/u. Behoorlijk vermoeiend. Niet alleen voor mij maar ook voor mijn lief die onwillekeurig toch heel gespannen ernaast zit. We rijden al een tijdje in Spanje als het eindelijk droog wordt. Dit is heel anders rijden. Hoe dichter we bij Valencia komen hoe blauwer de lucht wordt. Meestal doen we de reis in vier dagen en overnachten we in Pamplona. Gelukkig deze keer niet want na dat wij er voorbij waren bleef het daar hozen en stormen met gevolg grote overstromingen, bomen over de weg en veel gekapseisde vrachtwagens. Wij waren er net langs.

Vorig jaar heb ik twee weken wild gestaan in Valencia en dat is mij goed bevallen. Toen was ik alleen en nu met mijn lief gaan we weer naar die plek. Het is aan het strand van Malva Rosa. De plek waar we staan is precies voor de boulevard, eigenlijk meer een parkeerplaats maar we staan er met nog een paar andere campers. Uitzicht op de zee.Deze keer niet de oude stad in maar lekker stukken lopen op het strand. De buurt heet ook Malva Rosa en is een wat oudere wijk met daarachter de grote gebouwen van de Universiteit. Veel studenten hier in de wijk en dat geeft een bijzondere sfeer. Direct de eerste avond werden wij al verrast met een opkomende volle maan. Wil je nog meer romantiek? De volgende ochtend op het strand mijn oefeningen doen om een beetje soepel te blijven en douchen onder de koude buitendouche. Weer lopen, terrasje pakken om een goede cortado te drinken, lezen, fotograferen, ja zo kom ik de winter wel door. Een kijkje in de vissershaven, hier staan altijd mensen die in de rij staan om de achtergebleven vissen te kopen. We blijven drie dagen in Valencia en gaan dan weer een stukje verder.

Opkomende volle maan
Prettig wakker worden
Wachten op de overgebleven vis

Volgende keer: iedere dag weer een stukje verder

blog reisblog

Einde van het vier maanden durende rondje Oostzee.

Weg van de camping. Vandaag niet zoveel kilometers. Het is een klein stukje naar Swinoujscie of zoals het vroeger heette, Swinemünde. Na anderhalf uur in de rij staan rijden we de pont op en varen naar de overkant van de Swina. Aan de stad gaan we voorbij en rijden door naar Duitsland en wel naar de oude Hanzestad Stralsund. Deze stad was een van de eerste leden van de Hanze. Ik zie de oude rijkdom. Veel historische bouwwerken. een prachtig stadhuis en drie grote kerken. De Alt Stadt staat op de werelderfgoed lijst van Unesco. Ik heb door de regen niet veel foto’s kunnen maken maar wel veel moois gezien vanonderuit mijn pluutje.

Oud huis niet meer bewoond in Stralsund
Deur van een van de kerken

Stralsund ligt eigenlijk aan de Oostzee maar wordt afgeschermd door het Eiland Rügen en voor dat eiland zijn we hier. We zijn een beetje aan de vroege kant maar als we geluk hebben gaan we veel kraanvogels zien die hier foerageren. Maar eerst gaan we naar Putgarden niet te verwarren met voor velen het bekendere Puttgarden. Bij de eerste plaats ligt Kaap Arkona. Dit is een steile 45 meter hoge krijtstenen kust. Het is een kwetsbaar gebied maar gelukkig mag je er niet met de auto komen. Zo’n drie km ervoor is een groot parkeer terrein waar je de auto moet stallen. Wij zetten Sprintertje er neer om ook de nacht hier te blijven. In het dorpje Vitte dat maar uit een paar huisjes bestaat heb je een goede kijk op de kaap. Op de kaap zelf sta je zo hoog dat je niets ziet van het krijtsteen. Zo lopen we een leuk rondje van 10 km.

Vitte
Kaap Arkona
Houten kunstwerk bij Arkona

Naast ons op het parkeerterrein staat een Zwitserse camper met daarin vader, moeder en drie meisjes. Het is ochtend en het lijkt wel of de meisjes huiswerk zitten te maken en dat klopt dus. Moeder spreekt ons aan, ze ziet op onze bus one year roadtrip staan en komt even een praatje maken. Zij doen dat ook met hun dochters. De man is fotograaf. Toch altijd leuk zulke mensen te ontmoeten.

Wij rijden door naar Schaprode en pakken daar campingplatz Am Schaprode Bodden, ja niet minder. De reviews op campercontact zijn niet helemaal lovend maar toch maar proberen. Het valt reuze mee. Nu en dat is al drie jaar begrijp ik nieuw sanitair en heel schoon. Er is een restaurantje bij waar je heerlijk vers huisgemaakte gerookte vis kan eten en voor een hele schappelijke prijs. Nu zijn we hier niet voor Schaprode maar we willen naar het eiland Hiddensee. Er gaat hier van Schaprode een ferry naartoe. Het eiland is autovrij, dus ook de bewoners hebben er geen auto, alleen een uitzondering voor een bus en wat landbouwwerktuigen. Ik heb er een filmpje gemaakt.

We hebben op een paar losse exemplaren na nog geen kraanvogel gezien en daarvoor zijn we hier toch. Van vriend Bart horen we dat we dan op Zingst moeten zijn. Daar rijden we naartoe. Het plaatsje op Zingst heeft dezelfde naam en we parkeren op een camperplaats bij strandafgang 6. Het is een echte surfcamperplaats, gewoon lekker rommelig. We zitten zo’n twee km van de haven en daar moet je staan om de kraanvogels te spotten. Gaan we lopen of trotteren? Het wordt trotteren oftewel met onze elektrisch ondersteunde klapfietsen, de Trotter. En daar horen we het trompetteren van de vogels al. Ze komen met honderden tegelijk en echt van alle kanten om hier aan de overkant op een veilige plek te overnachten. Overdag vliegen ze weer alle kanten op om te foerageren. Dit is eigenlijk een tussenstop op weg naar het warme zuiden. Het is wat ver om het goed te zien maar met de verrekijker is het een prachtig schouwspel. We staan op de dijk met misschien nog tien mensen te kijken naar deze voorstelling. Waar zijn al die mensen die we in de middag zagen in het stadje en op de pier? Geen interesse waarschijnlijk. Het stadje is uitgegroeid tot een behoorlijk mondaine badplaats met zeer luxe hotels en spa’s. Winkels van alle dure merken en veel eetgelegenheden. Wij genieten van de trekvogels en kijken hoe ze sierlijk landen en zijn blij dat we dit nog even hebben meegepakt. We blijven hier drie dagen en nemen afscheid van de Oostzee.

Slierten met trompetterende kraanvogels
Surfcamping
Allemaal leuke korven op het strand

Opaas vlog met filmpje van Zingst

Klik op de foto voor filmpje Zingst.

Hier stopt ons rondje Oostzee. We hebben de kusten van Zweden, Finland, Estland, Letland, Litouwen, Polen en Duitsland verkend. Een Oostzeekust en toch heel afwisselend.

Na vier maanden zijn wij bijna weer in Nederland. Er wachten daar weer leuke dingen op ons en als ik de tijd kan vinden dan wat nieuwe vlogs en gewone blogs maken. Bedankt voor alle reacties op de reisblogs.

blog reisblog

Polen uit.

Nog even en we zijn Polen alweer uit. Op zoek naar een goede vrije plaats. De app park4night geeft er drie aan die in aanmerking komen. De eerste twee liggen aan een drukke doorgaande weg, dat is dus echt geen optie. De laatste wordt omschreven als een prachtige plek met een geweldige view over het meer. De GPS begeleiding geeft aan: uw plek bevindt zich aan uw rechterzijde. Daar is een weg die super stijl naar beneden gaat. Een weg met giga gaten. Ga ik die afdaling doen? Toch maar niet, eerst even lopend kijken. Sprintertje parkeren we bij een kerk en dan een stukje lopen. Mijn knieën zijn er niet blij mee, zo recht naar beneden gaat het. Na 200 meter houdt de weg op en gaat over in een graspad dat totaal dicht gegroeid is. View? Door de struiken zie ik een glimp van het meer. Welke grapjas heeft deze plek online gezet. Weer terug naar boven, het voordeel is wel dat we flink bewegen. We rijden weer verder en zien een bordje met haven. Daar rijden we naartoe. We komen aan het meer bij inderdaad een haventje met visroeiboten. Geen slechte plek maar er is weer een maar. Het is windkracht 7 en de bus staat te schudden in deze wind. Het is pas twee uur, wat moeten we hier op deze plek doen. Wandelen kan hier niet. Kom laten we eens gek doen, we gaan op een camping. Weg dus uit het haventje en naar een camping die op campercontact staat.

Uitzicht op het meer maar storm
Vissers attributen in het haventje

De camping

Camping 24 in de plaats, probeer het maar eens uit te spreken, Miedzyzdroje. een hele prettige ontvangst door een goed Engels sprekende man. We kunnen zelf een plaats zoeken en die vinden we dus ook. Alles in keurige rijen. We hebben met onze zonnepanelen eigenlijk geen stroom nodig maar het is in de prijs inbegrepen en ja we zijn toch Hollanders hè? Nu kunnen we de oven weer eens gebruiken. Er is heel goed sanitair en ook niet onbelangrijk, goede WiFi. Alles inbegrepen in diezelfde prijs. Nu we toch weer eens op een camping staan kan er wel wat gewassen worden. De lakens, handdoeken en nog veel meer. Vier machines vol en weer alles bij de prijs inbegrepen. We betaalden 12 euro per nacht. Alstublieft.

In deze tijd zijn het natuurlijk de wat oudere mensen die nu vakantie vieren. Gek eigenlijk, vakantie vieren of het een soort verjaardag is of zo. Maar ik dwaal af. Als ik zo voor Sprintertje op mijn gemakkelijke stoel zit rond te kijken en er komen weer nieuwe campers aan valt het mij op dat iedereen zo stijf eruit stapt. Nu heb ik dat zelf ook, maar het lijkt wel of iedereen dat heeft. Dan zijn er ook echte camping rituelen. De meeste mannen doen de afwas en als er een caravan komt zie je de man met zijn Nintendo in de hand de caravan op de plaats zetten. Ik zie dan meestal een jongensachtige glimlach op zijn gezicht. Toch wel weer leuk om zo het camping leven mee te maken.

Miedzyzdroje

Het is hier sterk Duits georiënteerd, niet zo gek natuurlijk. Het is betrekkelijk dichtbij en hier woonden vroeger heel veel Duitsers die er prachtige huizen hebben neergezet. Bij bijna ieder huis zie je wel bordjes met zimmerfrei. Ook hier een lekker groot strand en natuurlijk een pier. Voorbij de pier liggen vissersbootjes op het strand, deze worden hier ook met een soort lier de zee ingetrokken. Er zit veel vis en deze wordt bovenaan het strand vers gerookt. Daar kun je niet zomaar aan voorbij lopen. Heerlijk.

Heerlijke gerookte vis, loop daar maar eens voorbij
Vissersboot op het strand
Steen/zandkasteel

We gaan hierna eens kijken op Rügen in Duitsland. Het is een eiland bereikbaar via een brug. Hierover en meer in een volgend reisverslag.

PS. Ik word er vrolijk van als je mijn Facebook pagina:

Waarloopjijwarmvoor een like geeft

blog reisblog

Kaunas

Een paar dagen geleden las ik in de Volkskrant dat Jan Blokker is genomineerd voor de Libris Geschiedenis prijs met zijn boek, De Rechtvaardigen. Dit boek gaat over de plaatsvervangend consul Jan Zwartendijk in Kaunas.

In 1939, toen Duitsland en de Sovjet-Unie Polen binnenvielen aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, vluchtten duizenden Joden over de grens naar de relatieve veiligheid van neutraal Litouwen. Een jaar later, toen Litouwen geannexeerd werd door de Sovjetunie, vluchtten duizenden van hen opnieuw. Dat werd mogelijk met doorvoervisa afgegeven door de Japanse consul in Kaunas, de toenmalige hoofdstad van Litouwen.

Minder bekend is dat om een transitvisum te verkrijgen eerst een bestemmingsvisum nodig was en dat de overgrote meerderheid daarvan werd verstrekt door Jan Zwartendijk. De directeur van het Philips verkoopkantoor in Kaunas had ingestemd om voor Nederland op te treden als plaatsvervangend consul, na het abrupte vertrek van de vorige consul.

‘Mister Radio Philips’

Zwartendijk nam een groot persoonlijk risico omdat de visa die hij verstrekte Curaçao als bestemming hadden. Toegang tot Curaçao was afhankelijk van de toestemming door de gouverneur van het eiland, deze werd in de praktijk zelden verleend. 

Desalniettemin waren de visa overtuigend genoeg om de houders ervan toe te laten om het land uit te reizen, wat het leven van meer dan 3.000 mensen redde. De meesten die gedurende drie weken in de wachtrij stonden bij de kantoordeur van Zwartendijk, kende hem alleen als ‘Mister Radio Philips’.

(Bron: Philips nieuwscentrum)

Nu was ik net op het moment dat bekend werd dat Jan Blokker genomineerd was, in Kaunas, de stad van Jan Zwartendijk en ben eens gaan kijken waar het kantoor van Philips was en naar een monument dat op 15 juni 2018 door onze koning werd onthuld.

Het monument werd ontworpen door Giny Vos. Het zijn allemaal lichtstaafjes die samen een spiraal vormen. Staafjes voor alle geredde Joodse mensen en een spiraal is open. De wereld stond voor deze mensen open. Kijk in het filmpje over Kaunas hoe het werkt.

Monument en in het groen het oude kantoor van Philips, nu een boekwinkel

Natuurlijk heeft Kaunas meer te bieden. Er wordt keihard gewerkt om de stad gereed te maken voor 2022. Dan is Kaunas culturele hoofdstad van Europa. Dat gaat zeker lukken want er zijn veel musea en culturele festiviteiten in deze stad.

Filmpje van Kaunas
blog reisblog