Bruisend Vilnius

Vilnius

Met je neus in de boter vallen. Ken je dat gevoel. Maar ook als je je hoofd stoot er boter op smeren, dan zou er geen buil komen. Wat heeft dat nu te maken met een rondreis.

Het is zaterdag en we rijden naar Vilnius. Ook hier hebben we veel over gelezen in Jan Brokken zijn boek, Baltische zielen. In de middeleeuwen een belangrijke monarchie en het werd ook wel het “ Jeruzalem van het noorden “ genoemd. Het was een grote Joodse stad. Maar dat niet alleen het was ook een katholieke stad met enorm veel verschillende kerken.

Voor de oorlog woonde er meer dan 60.000 Joodse medeburgers. Tussen ‘41 en ‘43 werd 90% daarvan vermoord. De grote economische bloei van de stad kon vooral op het conto van deze bevolkingsgroep geschreven worden.

Ik verwachtte weer net zo’n stad aan te treffen als Daugavpils maar dit is totaal anders. Het is nu een bruisende stad met veel mooie jonge mensen. De gebouwen zijn gerestaureerd en veel van de straten in de oude stad zijn auto vrij. Het valt op dat de mensen heel modieus gekleed zijn. De vrijheid straalt er van af.

We hebben een parkeerplek gevonden op nog geen 500 meter van het oude centrum. 24 uur voor 9 euro met videobewaking. Nu heb je tegenwoordig hele kleine cameraatjes maar ik heb er geen gevonden. Alleen bij binnenkomst wordt de nummerplaat opgenomen. Er is net achteraan nog een plekje voor Sprintertje. Super druk en zware basgeluiden uit de stad. In de reviews stond dat dit een zeer rustige plek was. Maar nu komt de boter, we zijn beland in het laatste weekend van augustus en dan wordt hier het einde van de zomer gevierd. Gezelligheid alom. Het begint al direct waar we de stad binnen komen. Een groot park met markt en opblaas speeltoestellen. Er is een groot podium waar kinderen optreden. Dit hele gebeuren is gericht op kinderen. We lopen verder en ook daar honderden kraampjes en podia waarop vooral harde muziek gemaakt wordt. De terrassen zijn overvol.

We lopen door het oude Joodse ghetto, smalle straatjes en ook hier weer veel horeca. Natuurlijk een paar kerken bekeken. Het wordt tijd om de inwendige mens eens te versterken. Kiezen uit 810 restaurants is niet makkelijk. Buiten eten is geen optie, alles is vol of gereserveerd. Wij komen uit bij wat later blijkt een Belgisch restaurant te zijn. Heerlijk mosselen gegeten en dikke Belgische frieten.

We hebben zo’n 8 km gelopen en gaan tegen tienen terug naar Sprintertje. Nu was het in de stad al veel herrie maar hier dreunt de bas nog sterker door. Wat te doen? Daar komt het tweede boterverhaal. Als we nu weer terug gaan en gewoon gaan kijken bij het concert dan is het vast beter aan te horen.

Het is al zwart van de mensen voor het grote podium. We sluipen kriskras door de menigte om een beetje vooraan te komen en dat lukt aardig. Ik heb wel het vermoeden dat wij de oudste concertgasten zijn. En dan is daar het moment.

https://youtu.be/q-KYULAlXFI

Beissoul and Einius

Dit is oorverdovend. Ik voel het zo door mijn maag en borst naar boven komen. In het YouTube filmpje valt het nog mee. Die buil is dus toch gekomen. Ons zo snel mogelijk weer door de meezingende menigte wringen om er uit te komen. Weg uit de super drukte en aan de rode wijn op een terras. Dat bevalt toch een stuk beter. Als het concert is afgelopen kunnen we weer terug naar Sprintertje en slapen verder heerlijk.

We hebben gisteren een heleboel bekeken en zouden vandaag eigenlijk nog een stuk bekijken maar we zijn murw. De drukte en herrie van gisteren en vannacht drukt zijn stempel. Vandaag gaat het feest gewoon door. Om tien uur draait de muziek alweer volop. We besluiten de rust op te zoeken en laten Vilnius voor wat het is. Misschien kom ik nog eens terug voor een stedentrip. Drie dagen kun je hier goed doorbrengen met de vele musea, prachtige gebouwen, winkels en niet te vergeten de vele gezellige restaurantjes.

Engelenheuvel

Op het programma staat Kaunas, ja alweer een grote stad. Maar eerst moeten we naar Trakai. Hier is een kasteel in volle glorie hersteld of nagebouwd ik weet het niet. Het ligt in een prachtig gebied van vele meren. Het is maar een km of 80 dus goed te doen. Het zal zo’n 10 km ervoor zijn als we een heuvel zien met allemaal beelden erop. Dit staat niet in de lonely planet. Nu is die al 13 jaar oud. Ik kan nog net op tijd afslaan om een kijkje te nemen. Het blijkt een heuvel te zijn waar meer dan 35 uit hout gesneden engelen staan. Het is een plaats waar je even stil kan zijn bij gebeurtenissen uit je leven, een plaats voor bezinning. Er komen er steeds meer bij dus het wordt of eigenlijk is het al weer een toeristische attractie.

Lezende engel aangeboden door de gezamenlijke bibliotheken van Litouwen
Moeder engel met haar twee engelkinderen

Trakai

De tweebaansweg wordt steeds drukker. Dat hebben we nog niet eerder meegemaakt. Heel veel auto’s langs de weg. Het is zondag en prachtig weer. Allemaal nog een dagje naar de stranden van de vele meren die hier zijn. We naderen Trakai en rijden file. De straten zijn vol en de particuliere parkeerplaatsen zijn vol. Rijden we door? Even de brug over en daar staat een bordje camperplaats. We schieten linksaf, een vrouw staat verderop te zwaaien en te wijzen. We rijden er naartoe en direct komt er een man met zo’n soort geldtas diagonaal over zijn borst aan. Bij zijn huis is een grote parkeerplaats gemaakt voor auto’s en campers.

Wat kost het? Zeven euro voor even en 15 voor de nacht. Op die plek willen we dus echt niet staan. Nou nee bedankt, we kijken nog even verder en rijden door, de man bedremmeld achter latend. Het is een smalle weg en links begint een verhard zandpad. Daar draai ik in en kom uit bij een open plek dicht bij het meer. Dit wordt de plek voor de komende nacht.

Zwem- en badderplek

Het centrum van Trakai is een kleine km lopen dat gaan we maar eens doen. Het meer waar het kasteel aan ligt is vol met een soort rondvaartbootjes, waterfietsen en sup boarders. Het ziet er gezellig uit zeker in combinatie met het mooie weer. Wij lopen over een brug naar het kasteel. Het originele kasteel dateert uit 1409 maar dat is allang verdwenen. Door de vele oorlogen die hier geweest zijn werd het beschadigd en in de 17 e eeuw raakte het in verval. In de 20e eeuw is het herbouwd op de ruïnes van het oude kasteel. Nu wordt het regelmatig gebruikt als filmlocatie en is een van de populairste toeristische bestemmingen in Litouwen. Eigenlijk een soort Volendam, iedere toerist moet daarheen, zo is het hier dus ook. Ik hou het voor gezien en vind nog een plaatsje op een terras waar een biertje mij wel erg goed bevalt. We lopen weer terug naar Sprintertje en zijn de drukte al snel vergeten.

Herbouwd kasteel

Er is nog een stad waar we hier in Litouwen naartoe willen en dat is Kaunus. dit ook weer door een boek van Jan Brokken maar daarover meer in het volgende verslag.

Niets missen? Volg dan dit blog door op de volgknop te drukken of like de waarloopjijwarmvoor pagina op FaceBook.

blog reisblog

Tragisch Daugavpils

Daugavpils

De tweede stad van Letland is een apart verhaal. Voor 1940 woonden hier 40.000 mensen. 2 derde Letten en 1 derde Russen en Polen. In ‘40 zuiverden de Russen de stad. Intellectuelen en tegenstanders werden getransporteerd naar Siberië. Na ‘41 kwamen de nazi’s en werd de stad voor het grootste deel verwoest. Er woonden veel joden die bijna allemaal uitgeroeid werden. De stad werd platgebombardeerd en toen kwamen de Russen weer. Die bouwden de stad weer op op de specifieke Russische wijze. Nu wonen er maar 15 % Letten en het grootste deel Russen. De taal is dan ook Russisch hier. Na de oorlog kwamen er hier grote fabrieken waar heel veel mensen in erbarmelijke toestand werkten. Een grote tractorfabriek die heel Rusland van tractoren moest voorzien. Er werkten 4000 mensen en 3500 mensen werkten aan de reparaties van locomotieven. Na de onafhankelijkheid in de jaren ‘90 stopte ook de

productie van deze fabrieken. Ze moesten sluiten en de werkeloosheid was enorm. Ook nu nog is de werkloosheid bijzonder hoog.

Ik vind het een deprimerende stad. Het begint al bij binnenkomst. Aan de linkerkant een enorm oud grauw gevangenis complex. De straten zijn grauw en veel gebouwen staan leeg te verloederen. Maar er komt langzamerhand wel verbetering. Er worden veel gebouwen gerenoveerd. De woonkazernes krijgen een kleurtje en overal wordt nieuwe riolering gelegd.

Oude gevangenis
Grauwe woonkazernes
Nog te renoveren gebouwen

Mark Rothko

We staan geparkeerd in de Citadel. Dit gigantische verdedigingswerk is gebouwd door de Russen en na een bouwtijd van zo’n honderd jaar in 1841 gereed gekomen. De dam om deze citadel is 7 km lang. In Wereldoorlog 2 confisqueerden de nazi’s de citadel en in een deel ervan kwam een groot concentratiekamp het beruchte Stalag 340. Bijna alle joden die in Daugavpils woonden zijn er omgebracht.

Een groot deel van de gebouwen in de citadel zijn nu gerenoveerd en in een ervan is een museum met als grote trekker Mark Rothko. Geboren in Daugavpils als Markus Rotkkwitz. Zijn vader een apotheker zag de bui hangen en het gezin emigreerde naar Amerika, Markus was toen 10 jaar. Hij werd een beroemd kunstschilder. De laatste jaren van zijn leven werden zijn werken steeds somberder en in 1970 maakte hij een einde aan zijn leven.

Wij gaan dat werk bekijken in het museum. Bij de kassa wordt gevraagd of we alles willen zien of alleen de collectie van Rothko. We hebben zilveruitjes korting en voor 4 euro kunnen we alles bekijken, we zijn er nu toch.

Bij de ingang krijgen we een stempeltje op ons entree bewijs en mogen we naar binnen. In het eerste gedeelte zijn projecties van gedigitaliseerde werken van de kunstenaar te zien en een projectie van hoe het geweest moet zijn toen hij hier woonde. Oude opnames van de stad. We komen bij een deur en daarachter hangen dan de echte kunstwerken van de schilder. We gaan naar binnen en krijgen weer een stempel. In deze zaal hangen vijf van zijn werken. Een vrouw houdt toezicht dat je geen foto’s maakt want dat is verboden. Na een paar minuten heb ik de vijf schilderijen wel bekeken en wil door naar de volgende zaal maar waar ik ook kijk, er is geen volgende zaal. Dit is het. Dit is alles. Goed dat we een compleet arrangement genomen hebben.

Werk van Mark Rothko
Mark Rothko museum
Kunst op straat
Deel van een der vier kerken die je vanaf een heuvel kunt zien.

De ontmoeting

Na twee dagen Daugavpils is het weer tijd om verder te gaan. Op het programma staat, Vilnius. Weer een grote stad met een verleden. Ons hoofd zit nog vol met alle informatie van Daugavpils en dan nu direct weer naar zo’n stad? Nee gaan we niet doen. We rijden langs een groot meren gebied en daar zal best wel een plaatsje zijn waar we kunnen staan. We zijn vroeg onderweg en het meer dat we hebben uitgekozen is maar anderhalf uur rijden. Op park4night staat een plek bij een zwemgelegenheid. Het ligt pal naast de doorgaande weg, mooie plek maar veel te veel herrie. Dan zien we op nog geen 7 km een soort natuurcamping die 1,50 per dag kost. We rijden er naartoe. De laatste twee km over een karrenspoor in het bos. Laaghangende takken over de weg waar Sprintertje niet onderdoor kan. Mijn lief stapt uit om ze weg te buigen. We rijden over een trapje van boomwortels en deinen van links naar rechts en andersom. Het karrenspoor maakt een bocht en dan is daar de beloning. Tussen lange dennen is het begroeid met gras en mos. Er staan overal houten tafels, vuurplaatsen met een constructie waar je een pan aan kan hangen, houten plee’s en pal aan het meer met het warmste water tot nu toe en lekker snel diep. alle meren waar we hebben gestaan moest je eerst honderd meter lopen tot waar je eindelijk kon zwemmen. Wat is dit een cadeautje.

We zijn niet alleen. Aan een van de tafels zitten vijf vrouwen en een man. Het vuur is aan met erboven hangend een grote zwarte pan. De man komt naar ons toe lopen en blijkt een Duitser te zijn die met een Litouwse getrouwd is. Ze wonen zomers hier en in de winter in Duitsland waar zij dan in de zorg werkt. Hij is 80 en zij 72. De andere vrouwen zijn weduwen of gescheiden. Ze vieren hier het einde van de zomer met elkaar en dat doen ze goed. We worden uitgenodigd erbij te komen zitten en krijgen heerlijke soep uit die grote pot op het vuur, gegrilde kippenpoten, zelf ingemaakte augurken, stokbrood en natuurlijk drank. Bier, grappa en witte wijn. De man rijdt deze vrouwen dus drinkt niet. Met iedere telefoon moeten foto’s gemaakt worden en zo werd het een gezellige boel.

Einde zomerfeestje
blog reisblog

Hobbelend door Letland

Alûksne

Na het zuiden van Estland en langs de grens rijdend van Rusland zijn we in Letland. We vinden natuurlijk weer een plekje aan een meer bij Alûksne.We staan achter het riet op een kleine parkeerplaats. Naast ons een plek waar je een boot in het water kan laten zakken. Achter de tuinen van wat huizen. Er komt een man naar ons toe met een klein wit hondje en vraagt ons, Holland? Ja. Hij heeft een blikje bier in zijn hand en dit lijkt aan zijn praten niet de eerste te zijn. Mooie plek hé, waar jullie hier staan. Ik ben hier opgegroeid en ben nu weer hier voor vakantie bij mijn ouders.

Kunnen we hier goed zwemmen? Wat heet goed zwemmen, het is hier het zuiverste water van Letland. Mijn neef is controleur en die zegt dat. Het water komt hier niet van een rivier of zo maar uit de grond. Ik laat jullie een plekje zien waar je goed het water in kan.

We lopen met hem mee. Het is 50 meter van onze plek. Een houten loopplank door bosjes en riet en daar is een heuse zwemsteiger met een zelf gemaakt trapje. Dat is dus weer geregeld, we kunnen morgen hier weer zwemmen annex ons wassen. Teruglopend naar onze plek is nog een paadje. Hij neemt ons luid pratend mee het paadje in en dit is een soort tuin wat bij zijn ouderlijk huis hoort. BBQ, hangmat en picknick tafel. Kunnen we allemaal gebruiken. Robert zo heet hij woont in Riga en heeft daar een eigen bedrijfje. Hij gaat weer naar huis maar we horen hem nog lang hard praten en lachen.

Heerlijk geslapen en het water in geweest. Hè, daar komt Robert. Hij draagt een papieren zak. Er komt een halve liter pot jam uit en een fles zwarte bessensap. Allebei gemaakt door zijn moeder en voor ons als gasten van Letland. We moeten ook echt kijken in Alûksne. Hij woont in Riga maar dat is maar niets met zijn geboortestad. Wat leuk toch dat iemand zo trots is op zijn omgeving. We maken nog even een foto en hij verdwijnt weer.

Op weg naar een camping

Na twee weken is het echt weer eens tijd om een wasje te draaien. Dat betekent of een wasserette of een camping opzoeken waar een wasmachine is. Het eerste is hier niet te vinden, het tweede lijkt iets makkelijker. We vinden er een via campercontact en stellen de navigatie in. Dat is niet de weg die we uitgezocht hebben op de kaart. We willen langs de grens blijven rijden en daar loopt toch ook een gele weg? Ons een beetje kennende begrijp je natuurlijk wel dat we onze eigen weg nemen. Wat denkt die Miepie van de Google Maps wel, dat zij het beter weet?

We rijden heerlijk ontspannen, armpje op de leuning, radio aan op FM Utrecht, zo blijf je ook een beetje bij met wat er in de regio gebeurt en Sprintertje rijdt vanzelf op de cruise control. Een bordje met vijftig km, afremmen en nog een bordje, einde verharde weg. Stukje onverhard, moet toch kunnen. Het stukje wordt zevenenveertig (47) km. Een prachtige weg met veel overhellende bochten, eigenlijk net een circuit. Op dit wasbord circuit is de max snelheid 80 en dat rijd ik ook. Hoe harder hoe minder je de hobbels voelt. Na een paar keer wat weg geslipt te zijn vraagt mijn lief of ik niet denk in een 4×4 drive car te rijden. Nee maar het voelt wel zo. Onderweg zomaar twee keer een kerk langs de weg. De bezoekers daarvan moeten deze weg dus ook doen. Op deze route vier keer een tegenligger gehad die ook zo hard rijden. Je ziet dan echt niets meer, wat een stof. We komen eindelijk bij een plaatsje en daar is zomaar weer asfalt, even stoppen voor een mok koffie.

De volgende 50 km naar de camping is de weg verhard, geen stof meer maar daar is dan ook alles mee gezegd. Het is een ongelijke lappendeken. Ik heb een heerlijke verende chauffeurs stoel maar mijn lief haar stoel is statisch, echt comfortabel is dat niet.

Camping Dzerkali, in de NKC app staat, vakantiepark met bungalows en ruimte voor campers – gelegen aan meer. Het klopt. Vanaf de weg even drie km wasbord en dan is daar het park. Het is nog niet klaar maar in ontwikkeling. Niets mis mee. Houten huisjes aan de meerkant en voor de campers is er een plek gemaakt achter de tennisbaan op geplaveide ondergrond. We staan dus achter een hek. Na twee weken vrij staan is dit echt wel een tegenvaller. Er zijn twee toiletten en twee douches maar wel bijna tweehonderd meter verder in het gebouwtje van de receptie. Free WiFi, klopt maar alleen bij de bungalows, niet op de camperplek. Tarief? 20 euro, incl stroom. Dat hebben wij niet nodig, er kan vijf euro af. Het is weer even wennen. Maaaaaaar, de lakens en handdoeken zijn weer schoon, vanavond in een lekker fris ruikend bedje.

Morgen rijden we verder naar Daugavpils de tweede stad van Letland. Een stad waar heel veel gebeurd is en de stad van Mark Rothko maar daarover veel meer in mijn volgende blog.

Niets missen? Volg dit blog of volg via Facebook

blog reisblog

Het oude zuidelijke Estland

Bijna Estland uit denk ik. Op weg naar Tartu maar te ver om in een keer te rijden dus we zoeken een plaats om een nacht te blijven. Het wordt Viljandi in het zuiden. Het staat niet op het lijstje om te bezoeken maar ja voor een nacht.

We parkeren op een kale parkeerplaats en gaan op zoek naar het oude centrum. We lopen door grauwe straten met van die oude Russische woonkazernes. Maar dan gaan we een bruggetje over en verandert het hele beeld. Oude straatjes met grove keien als wegdek en we zien de overblijfselen wat eens het grootste kasteel van Lijfland is geweest. Vroeger bestond Lijfland uit wat nu Estland en Letland is. Een groot gebied dus.

Het vroegere Lijfland

Het kasteel ligt hoog op een flinke heuvel en ik kijk prachtig over het water uit. In het stadje weer veel grote houten huizen.

Oud straatje.
Resten giga kasteel

Gratis zwemmen in dit 50 meterbad.

We halen Sprintertje weg van zijn kale parkeerplaats en rijden via een steile straat (17%) naar beneden en parkeren naast een voetbalveld vlak voor een zwembad dat in het meer gemaakt is. Het is een groot sportcomplex, atletiek stadion, tennisbanen, beachvolley, roeien zeilen, nou ja van alles. Er komen ook steeds mensen die even een paar baantjes trekken in het zwembad en er komt een auto naast ons staan. De man stapt uit en bekijkt uitgebreid het magneetbord met tekst die op Sprintertje zit. Holland? Vraagt hij. Ja. En zo komen we aan de praat. Er zijn plaatsen waar je echt geweest moet zijn. We zijn op weg naar Letland via de snelste weg. Niet doen adviseert hij ons, er is een gebied waar je moet zijn geweest. Hier wordt nog het oude Ests gesproken en zie je de meeste oude dorpjes. Komend weekend is in een van die dorpjes ook nog een grote vis- en uienmarkt. Kijk en dan is het zo lekker dat we geen strak plan hebben voor de route die we rijden. We laten het vaak aan de ontmoetingen en aanbevelingen over die we krijgen. We gaan morgen dus richting Lüübnitsa. Het ligt in het uiterste zuiden van Estland. Het is het gebied van Setumaa. Het is het meest interessant maar ook een triest gebied. Hier wonen de oorspronkelijke bewoners. Het is een mix van Esten en Russen. De Setus zoals ze heten spreken nog het oud-Ests. Bij het vastellen van de grens zijn de Setus verdeeld over Estland en Rusland. In het Russische deel wonen er zo’n 3000 en de Estlandse kant 2000. De oude hoofdstad Petseri ligt in Rusland met het fabelachtige klooster uit de 15 de eeuw. Nu tegenwoordig kunnen de bewoners van hier een jaarvisum kopen voor 135 euro kopen en dan de grens over om nog familie te bezoeken en naar kerken te gaan. Maar dat bedrag is wel een grote hap uit het schamele budget.

We zetten Sprintertje neer aan de oever van het Peipsimeer. Aan de overkant op twee kilometer is Rusland. Grote uitkijktorens en in de nacht allemaal schijnwerpers. Maar toch heerlijk geslapen. In het Peipsimeer zit enorm veel vis. Het is altijd een belangrijk gebied geweest voor het verwerken van de vis. Het meeste wordt gerookt. Een ander product zijn uien. Waar laat je die allemaal. Jaren geleden is men begonnen een soort jaarmarkt te houden met deze twee producten als specialiteit. Het is nu een evenement waar echt duizenden mensen op af komen. Busladingen vol. Wij waren er dus ook. Nu niet alleen nog vis en uien maar ook de hele dag live optredens van orkesten en dansgroepen. Zeker honderd kramen met als eerste natuurlijk de ui maar ook veel andere streekproducten, kleedjes, kleding en drank en eettentjes. Ik heb op video een kleine impressie gemaakt.

Na een uurtje of twee hebben we alles wel gezien en reizen we verder. We blijven dicht langs het Peipsimeer rijden. De verharde weg verandert in een onverhard wasbord weg. Je mag op deze wegen 90 rijden. Ik hou het bij 70. Het rijdt makkelijker als je er een beetje snel overheen plankt. We komen bij een bord. Nu gebeurd dat wel vaker maar op dit bord staat dat we de komende kilometer in Rusland zijn. Je mag er niet lopen en ook niet stilstaan met de auto. Gehoorzaam als wij zijn rijden we dus gewoon door maar wel even een stukje gefilmd. (Zit in de impressie)

Zo rijden we zo’n 20 km over die onverharde wegen. Alle kastjes kraken en piepen. Ik ben blij dat ik net nog wat getankt heb, het lichtje brandde al en we zijn in 50 km geen tankstation meer tegen gekomen. Je moet hier toch niet zonder brandstof zitten.

Op deze zandweg is er dan opeens de grensovergang van Estland naar Letland. Er staan alleen borden maar verder merk je er niets van. Zo zijn we dan uit Estland. Ik vind het een heerlijk land. Je hebt er van alles, cultuur, prachtige stranden, mooie steden en aardige mensen en wat ook prettig is er zijn er niet teveel. Heel veel ruimte en rust. Ideaal land om vrij te kamperen. Wat ook zo bijzonder is, je ziet geen papiertje op straat liggen. Iedereen doet alles keurig in de bakken waarvan er dan ook veel zijn. Bij de zee en meren overal reddingsspullen en meestal een bewaker die ook drie maal per dag de temperatuur meet van het water en de lucht. Kleedhokjes, toiletten en water. Chapeau.

We zijn nu dus in Letland en daar direct al een aardige ontmoeting maar daarover in een volgend blog.

blog reisblog

Romantisch Haapsalu

Na Talinn rijden we naar Haapsalu. Het ligt in het westen van Estland en is echt, ja alweer, een aanrader. Het ligt aan het water en wel aan een baai van de Oostzee. Het is al jaren een kuuroord. De stad bestaat al 740 jaar. Zoals zovelen steden, ik denk even aan Deventer, werd deze stad ook groot toen de bisschop zich er vestigde. De kerk is er nog en ieder jaar tijdens volle maan in augustus verschijnt een Witte Dame in het venster van de doopkapel bij het kasteel. Het verhaal is zo: een kanunnik werd verliefd op een schone dame. Toen dit ontdekt werd was de straf niet mals. De kanunnik werd in de kerker opgesloten en het lieftallige meisje werd levend ingemetseld in de kerk. Daar schreeuwde ze dagenlang tot het uiteindelijk stil werd. Ze kon geen rust vinden en van af die tijd komt ze in augustus naar het raam om over haar geliefde te treuren. We zijn net tijdens de feesten die ter gelegenheid van de witte dame gehouden worden in deze stad.

Het verval van de stad begon toen de bisschop het zich in zijn hoofd haalde om te verhuizen naar het eiland Saaremaa. Toch rare jongens die bisschoppen maar in de 19e eeuw bloeide het weer op als kuuroord. Er werd een spoorlijn aangelegd tot in st Petersburg en vele inwoners daarvan kwamen kuren in Haapsalu. Zo kwam ook de bekende componist Pjotr Tsjaikovski er samen met zijn broer. Hij schijnt er een deel van zijn 6de symfonie te hebben geschreven.

Bank ter ere van Tsjaikovski
Uitzicht vanaf het bankje

Wie er ook regelmatig kwam was de Russische tsaar. Speciaal voor hem werd het treinstation voorzien van een monumentale overkapping. Het station is er nog maar er rijden geen treinen meer. Het is nu een treinmuseum.

Haapsalu is ook bekend om zijn breiwerk. Er is een breimuseum. Het bekendst is de Haapsalu sjaal. Gemaakt van lamswol en wel zo fijn dat het door een trouwring getrokken kan worden. Het toeval wil dat toen wij daar waren een Inwoonster van Haapsalu in het schone Wijk bij Duurstede dat trouwens ook in de zelfde tijd tot ontwikkeling kwam, op de markt haar schone breiwerk tentoonstelde.

Hou je van romantiek dan is dit echt een plaats om naar toe te gaan. Wel in de zomer, er is dan ieder weekend wat te doen, de temperatuur is lekker. Heerlijke parken om te flaneren, lekkere temperatuur van het zeewater. Niet vergeten de kuursaal te bezoeken, je kunt er heerlijk eten en is vaak live muziek.

Kuursaal

Kom je met een camper dan is er een fijne plek waar je vrij kunt staan. Een parkeerplaats aan een grasveld naar het water. Toilet en water aanwezig en iedere ochtend een frisse duik in het schone water.

Plek om vrij te staan met de camper.

Na Haapsalu gaan we langs bij een Nederlands echtpaar en hun twee kinderen. Zij wonen ongeveer 20 minuten van Haapsalu op een prachtige plek aan de Matsalu baai. Ze doen alles voor het behoud van de natuur. Het uitzicht vanaf hun domein is formidabel. Ieder half uur is er weer een ander levend schilderij. Wilde zwanen, zeearend en honderden kraanvogels die hier bijeen komen voor hun grote wintertrek. . Er zijn zelfs jakhalzen. De man heeft een camera opgehangen bij de composthoop en daar zijn regelmatig beelden te zien van de jakhals die kijkt of er nog wat te halen valt. Heel apart is dat als er een propeller vliegtuig overkomt je de jakhals hoort huilen. Ik heb weer het een en ander geleerd van deze gepassioneerde natuurmensen.

Meer blogs en foto’s op mijn FB pagina. Ik nodig je uit om die te

Liken

blog reisblog

Estonia, Talinn

Na het gebied dat toch wel erg Russisch lijkt gaan we richting Talinn maar onderweg eerst een stop bij Vosu, dit ligt in het nationaal natuurpark Laheema. We staan pal aan het strand maar het regent en niet zo’n beetje ook. De volgende ochtend als het eindelijk droog is zien we het dorp pas echt. Hier ook weer allerlei zomerkampen, sport op het strand en veel vooral meisjes die met penselen bezig zijn. Naast ons staat een Oostenrijker met zijn gesloten Van. Hij staat hier al vijf weken. In zijn bus zitten alleen de ruiten van voordeuren en voorruit. De rest is dicht. De man zal een jaar of tachtig zijn en we spreken hem om drie uur in de middag. De volgende ochtend om twaalf uur is nog alles dicht. Hij zal toch niet………… Net als ik toch maar eens op zijn deur wil kloppen gaat de deur open en er komt een slaperig gezicht naar buiten.

Op weg naar Talinn, de hoofdstad van Estonia. We mijden de grote weg die hier trouwens niet zo heel groot is, ook gewoon tweebaans maar wij nemen de nog wat kleinere wegen. Zo komen we weer langs een plaats waar een waterval zou moeten zijn. Hobbel de hobbel, over een onverharde gatenkaasweg waar de gaten gevuld zijn met het regenwater dat gister gevallen is, komen we bij een heuse waterval. Er is een meertje bij waar flink in rondgedarteld wordt. Leuke plek.

Vosu in het natuurpark
Waterval met spelende kinderen

Dan is daar Talinn. We rijden het centrum in en parkeren op een terrein naast het busstation. Je kunt hier 24 uur staan dat komt dus goed uit.

Er valt echt heel veel te vertellen over Talinn maar ik zal het toch een beetje kort houden. Het ligt mooi aan de baai van Talinn, een deeltje van de Finse golf. Heel strategisch dus en dat heeft deze stad geweten.

Voor het eerst genoemd in 1154 en heette toen Reval. Wij Nederlanders gebruikten die naam tot in de twintigste eeuw. Begin 1200 vonden de Denen dat ze wel recht hadden op deze stad en koning Waldemar de tweede zette er maar gelijk een burcht neer op de domberg. Hij had er niet zolang profijt van want al in 1227 kwam de geestelijke broederorde de macht opeisen. Zes jaar later kwamen de Denen weer terug en nu werd het echt Deens. In 1252 werd het een echte hanzestad. Het was bijna 100 jaar rustig maar toen kwamen de Esten weer in opstand en verkocht de koning alles maar aan de Duitse orde. De bovenlaag van de bevolking was echt Duits, de middenlaag bestond uit ambachtslieden, veelal Deens en Zweeds en de onderlaag waren de Esten.

O ja ik zou het kort houden. De Zweden en de Russen streden regelmatig om deze stad en in 1710 werd geheel Estland Russisch. Na al die plunderingen ontvolkte de stad tot nog maar 2000 inwoners. Tsaar Peter de Grote deed veel voor Reval en hij bouwde er slot Katerinental. De stad begon weer te groeien met veel Duitse invloeden. Het land was soeverein maar in 1940 annexeerde de Sovjets het en er vluchtten veel nationalistische Esten naar Zweden en Duitsland en de Duits Baltische burgerij en adel werden naar Duitsland geëvacueerd. Veel adel en intellectuelen werden verbannen naar Siberië. In ‘41 bezette de Duitsers de stad weer en kwamen er weer veel Esten terug. Ben je net weer een beetje gewend kwamen de Russen weer terug en moesten er weer velen vluchten. Minstens een derde van de bevolking werd gedeporteerd en zo werd Talinn gerussificeerd. 45 jaar later was nog maar de helft van Talinn Est. en nu vanaf 1991 is Estland eindelijk weer een eigen land.

Dit alles heeft wel een hoop mooie gebouwen opgeleverd. Het is een betrekkelijk kleine oude binnenstad maar wel heel gezellig. Langs de stadsmuur is de grootste markt van gebreide artikelen. Stalletje na stalletje vol met de mooiste verleidelijke, deels met de hand gemaakte truien en vesten. Mijn lief haar ogen vallen natuurlijk op een van de mooiste en deze heeft nu dus een plaatsje bemachtigd in Sprintertje.

Wolmarkt
Twee van de torens
Straat in Talinn
Russisch Orthodoxe kerk
Paleis van Peter de Grote

Talinn is echt een bezoek waard. De oude binnenstad is niet zo groot dus goed te belopen. Er is een goede wandeling uitgezet langs alle hoogtepunten. In twee dagen is deze stad goed te doen. Aanrader dus.

Nog geen volger van dit blog?

Ergens op deze pagina kun je dit regelen.

blog reisblog

Bijna Rusland

Wel eens gehoord van Sillamae? Ik in ieder geval niet en heel lang wist bijna niemand iets van het bestaan van deze plaats. Tussen 1940-50 hadden de Russen hier een chemische fabriek en werd er met radioactief materiaal gewerkt. Dit radioactief materiaal werd gewoon hier in het stadje opgeslagen. Het was onderdeel van een militair programma van de USSR en de stad was dus een gesloten stad. Op geen enkele kaart kwam hij voor en het had zelfs geen postadres. Voor de bewoners en de werkers in de industrie moest het toch aantrekkelijk gemaakt worden. Er kwamen prachtige huizen met versierselen. Grote brede boulevards met veel bloemen en zomers gedecoreerd met palmen die in de winter binnen werden gezet in het groene huis. Er wonen nog steeds meer Russen dan Esten in deze plaats.

We zijn nu bijna bij de Russische grens en gaan eens kijken op de punt in Narva- Joessuu waar de rivier de Narva in de zee komt. De grens is precies in het midden van de rivier. Het Estse plaatsje is nu een echt plaats voor zonaanbidders, brede stranden en veel kuuroorden. Het zijn weer veelal Russen die hier vertoeven.

Oud maar nog in gebruik zijnde vissershuisje

We rijden tot het einde door en gaan dan lopen. Er is een groot gebouw dat dicht getimmerd is maar we lopen er langsheen. Het voelt toch niet prettig. Een Russische patrouille boot ligt stil in het midden van de rivier. We komen bij een bordje rood omrand met een tekst erin en gaan toch maar niet verder. Iets verder aan de Estse kant staan alleen maar geraamtes van grote huizen blokken en fabrieken. We rijden er over een gatenweg heen maar ook hier bordjes met niet fotograferen en overal camera’s. Nu vind ik het wel prettig om uit mijn comfort zone te gaan maar toch maar weer braaf terug gereden naar de geasfalteerde weg en naar Narva zelf gereden waar je over een brug Rusland binnen kan. Dit is echt heel gek tenminste voor mij. Zo dicht bij elkaar en toch zover weg. Aan de Russische kant staat een groot fort en aan de Estlandse kant staat er ook een. Op beide forten staan mensen naar de andere kant te kijken.

Om een indruk te krijgen of zo’n rij voor de grens nu een beetje opschiet. Als wij aankomen staat er een wit busje. Wij gaan lopen en zo’n anderhalf uur later is hij toch al een meter of tien opgeschoten. Ik spreek een man die vorig jaar hier stond te wachten. Er waren vijf auto’s voor hem. Het duurde drie uur en zijn hele auto werd leeggehaald. Moet er niet aan denken dat wij Sprintertje moeten leeghalen.

Twee forten met alleen de rivier ertussen
Een flinke rij op de brug naar Rusland

Dit alles maakt toch wel een diepe indruk op ons en we besluiten om maar eens een camping op te zoeken waar wel een wasmachine is. We komen uit in de gemeente Vaivara het gehucht Laagna. Er is hier een hotel met een camping erbij. We zien alleen jongeren rondlopen en verder geen campinggasten. De receptie is in het hotel. Trapje op en naar binnen. Daar is de hal helemaal bezet met hangende jongeren met een laptop op schoot. Niemand kijkt op van zijn of haar scherm en er zit niemand achter de desk. Ik kijk wat in het rond en maak oog contact met een wat oudere jongere. Hij staat op en in wat gebrekkig Engels legt hij mij uit dat de beheerder er over een uurtje weer zal zijn. Zoek maar een plekje naast het groene gebouw, daar is water, elektriciteit en een zwembad waar je naar de wc kunt en douchen. Dank U. Wat doen we, gaan we verder of zullen we hier toch maar gaan staan, er is een wasmachine. We zoeken een wat recht plaatsje en blijven. Het ziet er allemaal een beetje verlopen uit. Overal in het gras op stenen, op bankjes, op de grond, staand, jongeren met een laptop. Wat is dit. Ze kijken je niet aan maar zitten alleen maar druk te tikken op hun toetsenbord.

Het groene gebouw huisvest het zwembad, de gemeenschappelijke douches, tafeltennistafel en de wasmachine. Die is vrij dus snel een wasje erin. Het regent en er is geen droogmachine. Naast ons staan twee niet afgebouwde huisjes met daartussen in een overdekte open ruimte. Met spijkers en een paar schroeven en natuurlijk een touw heb ik daar een waslijntje kunnen maken. Twee wassen gedraaid. Er komt nog een Duitser met een hond staan en later nog een Duits stel. We staan met z’n drieën op dit grote veld. Intussen lopen er steeds meer jongeren heen en weer en wordt er gesport en muziek gedraaid. De jongeren bivakkeren in kleine huisjes rondom het hotel. Het is vroeg rustig en we slapen uitstekend.

Kwart voor acht, ik hoor trompet muziek en daarna een harde vrouwenstem uit de boxen bij het hotel. Ik kijk naar buiten en zie een groepje jongeren in marstempo naar het hotel lopen. Voorop een fanatieke man in beige kleding en een rood sjaaltje. Hier moet ik meer van weten dus snel naar buiten. Voor ieder huisje staan jongeren keurig in de rij te wachten tot de beige man ze ophaalt om in het gelid naar het bordes van het hotel te lopen. Ondertussen schalt uit de speakers de gezongen muziek. Het doet een beetje Chinees aan. Wat is dit. Op het bordes staan de leiders die de jongeren toespreken. Dit alles duurt een half uur. Ze doen gezamenlijk wat gym oefeningen en het lijkt of er een gekozen wordt tot een soort winnaar. In het gelid lopen de groepen weer terug naar hun huisjes en even later loopt iedereen weer met een laptop naar het hotel en wordt het heel rustig. Nu ben ik van nature nogal nieuwsgierig. Ik wil weten wat dit alles is. Ik hen mazzel, er gaat een wat oudere jongere naar de douches en ik spreek hem aan. Hij spreekt Engels. Ik vraag of dit een zomerschool of zoiets is en dat is het dus. Het zijn allemaal Russische kinderen tussen de 15 en 17 jaar die hier twintig dagen zijn om nog meer te leren over algoritmes en meer. Alleen kinderen die excellent zijn in wiskunde zijn uitverkoren om hier aan deel te nemen. Hij zelf is hier met zijn vrouw en kind om een gastcollege te geven. Hij is Rus maar woont en werkt in Zwitserland. Dus hier in Estland Russische kinderen, alle informatie in dit hotel en camping staat ook in het Russisch. Ik ben weer wat wijzer geworden.

Bekijk hier een kort filmpje

De was is inmiddels droog, het bed verschoond met lekker ruikende lakens. We kunnen weer verder met onze roadtrip.

blog reisblog

Thelma en Louise mijn favoriete roadmovie

Vandaag de klapfiets maar weer eens uit Sprinterje gehaald. Elf km verderop is een heuse waterval. De weg is recht en niet al te spannend. Er komen gedachtes bij mij op over roadtrip films. Ik heb er een aantal gezien en welke vind ik nu de beste. Ik twijfel tussen Easy Rider en Thelma en Louise. De eerste is uit 1969 en is een film van Dennis Hopper. De hoofdrol spelers waren Dennis Hopper, Peter Fonda, Jack Nicholson en Karen Black. Voor wie de film niet kent, hij gaat over twee motorrijders die een roadtrip door het land maken. Het zijn twee hippies. Het is een trip met veel drugs, rock ’n rol en seks. Geen alledaagse figuren. Ze maken van alles mee onderweg en het blijkt dat zeker in het zogenaamde vrije Amerika dat als je enigszins anders bent dit vaak niet getolereerd wordt. De film is van 1969 maar zou ook nu nog zeker actueel zijn. Pas je niet in mijn keurige hokje dan moet ik hier iets aan doen. Pak een wapen en schiet zoveel mogelijk anders denkenden overhoop.

En dan Thelma en Louise, een film uit 1991. De film wordt vaak beschreven als een feministische roadmovie en is een Oscar winner. De twee vriendinnen Thelma en de tien jaar oudere Louise besluiten er eens samen op uit te trekken in hun oude Thunderbird cabrio. Wat begint als een leuk uitje wordt door allerlei ontwikkelingen een drama. Zo kan iets simpels zomaar escaleren. Louise wordt gespeeld door Susan Sarendon en Thelma door Geena Davis.

Bekijk hier de trailer

Afspeellijst Spotify Thelma en Louise

Na al de films die er in mijn hoofd voorbij komen met de gedachtes die daar dan weer bij horen ben ik zomaar 11 km verder en bij de beroemde waterval. De Trotters aan een paal vastgezet en eens even kijken bij dat waterspektakel. Een trap met 326 treden gaat naar beneden en komt op het strand uit. Bij het eerste bordes zou je het water naar beneden moeten zien kletteren. Ik zie wel prachtige lagen met verschillende kleuren maar hoe ik ook knipper met mijn ogen, geen water. In deze tijd van het jaar is het opgedroogd.

Wel helemaal al die treden af om bij het zeewater te komen. Er liggen dikke lagen stenen in verschillende kleuren en maten en alleen aan de vloedlijn is een strookje zand. Ik maak een foto van een steen begroeid met groen wier en van die actie wordt ook een foto gemaakt.

Het water is hier super helder en het is zo’n mooi gezicht hoe telkens die kleine heldere golfjes over de groen beklede stenen klotsen. Zo gaat het al miljoenen jaren.

En nu al die trappen weer op naar boven. Het valt mee, de conditie is nog best redelijk en mijn knieën vinden het naar boven gaan prettiger dan naar beneden.

326 treden naar beneden en weer naar boven

De Trotters staan nog zij aan zij, loskoppelen, helm op en weer die ‘spannende” weg terug naar Toila. Deze plaats was een vakantie bestemming voor de de culturele elite van Estland en Rusland in het eerste deel van de twintigste eeuw. De lucht schijnt hier erg zuiver te zijn al is dit op onze camping niet te merken. Er komt iedere keer eenwaardig van een riool lucht in mijn neus. Het schijnt dat het naastgelegen hotel een directe verbinding heeft met de 30 meter laag gelegen zee.

Een mooie plek om te wandelen is het Toila Oru park. Eens stond er een groot buitenhuis gebouwd door de giga rijke Rus, Grigori Jelissejev. Omringd door een groot aangelegd park. Hij schonk het aan president Pats die het als zomerresidentie gebruikte. In de tweede Wereldoorlog is het vernietigd maar het park is er nog.

Vorige blog over de Baltics lezen en kijken?

Roadtrip door de Baltische landen

Baltische landen

Zasa, een bijzondere plaats

blog reisblog