We laten de ruïne van het klooster met zijn geschiedenis achter ons. Vandaag een korte reisdag maar wat voor een.
Zestig kilometer door de Serranía de Cuenca, maar het voelt alsof we door drie verschillende werelden trekken.

Vanuit Priego volgen we de CUV-9114 richting de

Desfiladero de la Hoz de Beteta.

De rivier Guadiela heeft hier in miljoenen jaren een diepe kloof uitgesleten in het kalksteen. Steile rotswanden, helder turquoise water en een houten wandelpad dat letterlijk tegen de bergwand hangt. We willen de wandeling van een half uur lopen, maar het toegangshek blijkt gesloten. Jammer, want o a die houten constructies maken deze kloof beroemd.

Gesloten wandelpad.

Na de kloof verschijnen ineens grote bundels riet langs de weg. Opgestapeld als tenten van dun hout. Het landschap verandert hier voortdurend van karakter.

Mooie bundels

Via de Ventano del Diablo bereiken we een mirador hoog boven de Júcar. De rivier kronkelt diep beneden ons tussen groene hellingen en grillige rotsformaties. Hier spot je veel roofvogels maar vandaag waren ze mij toch te vlug af.

Daarna rijden we door naar La Ciudad Encantada, de droom stad. Een gebied waar wind, regen en vorst het kalksteen duizenden jaren lang hebben uitgesleten tot bizarre vormen. Rotsen lijken hier op schepen, dieren, bruggen en paddenstoelen. We lopen een ronde van drie kilometer door een landschap waar het lijkt of een kunstenaar hier zijn levenswerk van heeft gemaakt.

Genoeg voor vandaag. We blijven staan we tussen de dennen. Heel stil hier en gek op de plekken waar we eerder stonden barstte het van de vogels. Hier hoor ik niets.

Een rustige nacht.