Tijd voor een bakseltje

Zachtjes tikt de regen/sneeuw tegen mijn appartementenraam op vijf hoog. Niet echt het weer dat schreeuwt om 70 treden naar beneden te lopen en buiten te gaan wandelen. Neer, ik ga mij binnen vermaken.

In de kop van mijn blog staat:

Lopen – koken – camper

Vandaag maar een duik de keuken in. Het zit zo, wij zijn allebei nogal dol op gemberkoek. S’Morgens bij de koffie een plak(je). Maar in deze fabriekskoek zitten nogal wat smaakmakers en andere dingen waarvan ik denk, nou nee, dat hoef ik eigenlijk niet. Dan is er maar een oplossing,

zelf maken

En waarom niet? Het is echt een fluitje van een cent. 10 minuten voorbereiding, dan iets meer dan een uur in de oven en alsjeblieft daar is hij, de zelfgemaakte ook wel huisgemaakt genoemd, ontbijtkoek met gember. In deze versie gebruik je geen boter maar wel melk. Ik heb er een korte video van gemaakt, anderhalve minuut en in de beschrijving staat het recept.

Je boft als je van gember houdt want met dit recept en een beetje tijd en een oven is deze gemberkoek ook zeker iets voor jou.

Ik ga er nog een maken want Sprintertje staat alweer startklaar om vanaf zaterdag een paar dagen on the road te zijn. Onderweg lekker smullen van weer een verse koek.

Afkicken op Morgenrood in Oisterwijk

Na drie maanden Spanje is het toch wel weer even wennen om thuis te zijn. Maar gelukkig hebben we nog een prettige afspraak met twee vriendinnen om nog een weekend te camperen. Zij zijn nog in Frankrijk en wij zoeken hier in Nederland een camping uit. Het wordt natuurcamping de Vlagberg in Brabant. Wij rijden er vrijdag naartoe maar wat denk je, vol. De vrijdagnacht zou nog kunnen maar geen drie nachten. Jammer maar gelukkig hebben we het groene boekje bij ons. Daar staan alle natuurcamping in. We vinden er een op een half uurtje rijden. Toch maar eerst even bellen.

De man die ik aan de telefoon krijg rijdt op dat moment ergens in de auto en zegt, ik ben om half zes terug maar zoek maar een plaatsje uit. Is er dan ook voor morgen nog een plaatsje voor onze vrienden? Tuurlijk geen probleem. We rijden naar een afgelegen plek en daar door het openstaande prachtige smeedijzeren sierhek het erf op. Er is niemand, er staan alleen een paar oude caravans, groen van de aanslag. In het veld diepe sporen van een trekker of zoiets en heel veel vocht. Willen we hier drie dagen staan? Nee dat zie ik echt niet zitten. Heel voorzichtig rondrijden op de drassige ondergrond en het lukt om zonder vast te komen zitten weer bij de uitgang te komen. We schrijven een briefje dat dit toch niet onze droomcamping is en leggen het briefje op de keukentafel. De achterdeur van de boerderij staat namelijk wijd open en je staat dan direct in de keuken. Weer verder zoeken in het groene boekje. Het wordt, natuurkampeerterrein “Morgenrood” Gelukkig geen avondrood want op mijn leeftijd denk ik dan direct aan een laatste verzorgingstehuis.

Welkom op

Entree bij natuurkampeerterrein Morgenrood.

Morgenrood is niet alleen een camping maar er is ook een Nivonhuis. Deze organisatie draait helemaal met vrijwilligers en we worden vriendelijk ontvangen door vrijwilliger Els. Campers boven de 7 meter mogen niet het terrein op maar gelukkig is Sprintertje precies zeven meter. We vinden twee heerlijke plekken in een oase van rust.

Kampina

De camping ligt midden in een natuurgebied in de gemeente Oisterwijk. Aan de achterkant van het terrein loop je zo de Kampina in. Een echt Lekkerlopen gebied. Er is al een route van een kleine vijf kilometer of een wat langere van 11. Het grootste ven, het Beversven ligt pal achter de camping. Je kunt er prachtig omheen lopen.

Belversven

Van de camping en wandeling heb ik weer een video gemaakt. De eerste van 2022 in de serie vlogs, #zomooiisnederland.

De ligging van Morgenrood is uitstekend. Aan de ene kant de rust van het natuurgebied en aan de andere kant genoeg horeca in de buurt en dichtbij het leuke stadje Oisterwijk. Nu we toch in de buurt zijn gaan we even langs bij de bakkerij van Robèrt van Beckhoven, de bekenste bakker van Nederland. De winkel in de voormalige portiersloge van Leerfabriek KVL is een lust voor het oog en voor de neus. Heel toevallig komen we Robert tegen. Hij komt net binnen met een bakje frambozen. Vriendin bakt zelf ook professioneel en we hebben een leuk gesprek met Robèrt. Als je in Oisterwijk bent moet je zeker hier eens langs gaan. Tip: eet eerst wat want anders koop je de winkel leeg zo lekker ziet alles eruit.

Na drie maanden Spanje was dit een mooie omgeving om even af te kicken en weer te aarden in Nederland.

  • Mooie camping met vriendelijke mensen
  • Prachtige natuur
  • Goede horeca
  • Leuk stadje
  • De beste bakker van Nederland

Nu dus echt naar het vaste huis, Sprintertje uitmesten en schoonmaken zodat hij weer klaar is voor een nieuw avontuur.

Tot het volgende blog

Op de valreep

Het is niet te geloven maar het is toch echt waar, ik ben weer in Nederland. bewust zeg ik Nederland en niet thuis want Sprintertje voelt ook echt als thuis. Nu zit ik aan tafel videobeelden te editen tot een beeldend verhaal. Deze keer over Toledo en Cuenca.

Toledo

Deze stad staat al jaren op het verlanglijstje maar er komt nooit iets van. Zomers zijn we er niet en in de winter is het er meestal te koud. dit jaar waren de vooruitzichten goed en was het ook daar prachtig weer. Maar waarom Toledo? Ik was een paar dagen in Salamanca en stond daar op het Plaza Mayor. Om mij heen kijkend komt er een Spanjaard naast mij staan en kijkt mee. Ik zeg tegen hem, wat een prachtig Plaza Mayor is dit. Ja dat is het zeker maar niet de mooiste dan moet je echt in Toledo zijn. Nog mooier dan deze? Ja, echt mooier. Dat moet ik dan toch eens gaan bekijken.

We vinden een plek op een parkeerterrein met uitzicht op de oude stad met als blikvanger het Alcázar. Dit hele historische centrum staat op de werelderfgoedlijst van Unesco. De achterste rij van de parkeerplaats staat vol met campers. We zijn duidelijk niet de enige Toledo bezoekers maar opvallend, er staan geen Nederlandse campers tussen, eigenlijk 90% Spanjaarden.

Het is zondag, mooi weer en de toeristen komen met drommen de trein die vanuit Madrid komt uit. Rijen taxi’s staan klaar om ze naar het hoog gelegen centrum te rijden. Wij gaan lopen. Het is inderdaad behoorlijk hoog. Nu schijnen er ook roltrappen te zijn maar niet aan onze kant. Via een oude brug over de rivier de Taag lopen we deze stad binnen.

Er zijn hier zoveel historische hoogtepunten dat we er zeker twee dagen voor uittrekken. Om er een paar te noemen:

  • Kathedraal van Toledo
  • Alcázar
  • Monasterio San Juan de los Reyes
  • Musea del Greco
  • De synagoge del Transito
  • De kerk de Santo Tomé
  • Nog een synagoge de Santander Maria la Blanca
  • Museum de Santa Cruz
  • Uitzichtpunt del Valle
  • Mezquita del Cristo de la Luz

Dit zijn er tien maar er is nog veel meer te zien. Een goede conditie is best wel belangrijk als je dit alles wil bekijken.

We lopen door de smalle straatjes en vlak bij het Plaza Mayor, als mijn lief plotseling een harde kreet uit en met haar arm naar achteren mept. Een vrouw probeert haar rugzak te openen. Ze heeft een wijde pet in haar hand en schreeuwt dat haar pet tegen de ritssluiting aankwam. Waarschijnlijk was de bedoeling een greep in de tas doen en de buit in die grote pet stoppen en zo snel mogelijk verdwijnen. Er hoorde ook nog een man bij. Die loopt iets vooruit en gaat dan naar boven kijken, veel mensen kijken dan ook die kant op en de vrouw doet dan haar werk. Deze keer door oplettendheid en snelle reactie van mijn lief, niet gelukt.

Plaza Mayor Salamanca

We zijn inmiddels bij het plaza Mayor aangekomen. Het is helemaal niets. Niet te vergelijken met Salamanca. Wat bedoelde die Spanjaard dan? De verkeerde stad. Ik ben er achter gekomen dat hij Ocana bedoelde, dat ligt in de provincie Toledo. Geen mooi Plaza Mayor hier, maar wel een prachtige stad met z’n velen smalle steegjes en monumenten. Volgende keer in Ocana kijken. In de video meer van Toledo. Nu gaan we nog naar weer een andere stad.

Cuenca

Ook Cuenca staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Het is ook alweer een hele oude stad. De dikke muren in de binnenstad werden aangelegd door de Moren. Zij bouwden er in de 8e eeuw een kasteel, een Kunka waarschijnlijk komt daar de naam Cuenca vandaan. Als je de stad binnenrijdt begin je laag en rij je langzaam naar boven naar de oude stad. Wij rijden helemaal naar boven en vinden daar een overnachtingsplaats. Weer op een parkeerterrein maar wel met een prachtig uitzicht. We staan net als er met veel lawaai een treintje aankomt. Je kent ze vast wel. Het begint met een soort locomotiefje en daarachter twee rijtuigen met van de smalle bankjes. Hiermee kan je dan een rondrit door de stad maken. Nog nooit gedaan maar een keer moet de eerste keer zijn. Hij stopt voor Sprintertje en ik vraag aan de machinist wanneer hij weer vertrekt en hoe lang het duurt voor je weer terug bent. Vijf minuten en na 40 minuten weer terug. We besluiten om het te doen, dan zie je tenminste alles en we hoeven die steile delen niet te lopen.

Voor we instappen krijgen we ieder nog twee oordopjes met een kabeltje eraan. Dan kun je onderweg horen waar je allemaal voorbij rijdt. Mijn eigen gehoorversterker eruit en de dopjes erin. Inpluggen en luisteren naar een Engels sprekende stem. Er komt zo’n krakend geluid uit die dopjes dat ik echt niet versta wat er allemaal gezegd wordt. De machinist start zijn geruisloze locomotief en we rijden langzaam weg. Die Locomotief is het enige dat stil is. We denderen over de oude wegen, allemaal ongelijke kinderkoppies. Nee hé wat een herrie en trilling. We nemen de zelfde weg als wij zelf al langs waren gereden. De oordopjes heb ik inmiddels uit mijn oren getrokken en de rest laat ik maar op mij af komen. We blijven toch echte Hollanders want waarom stap ik niet gewoon uit en is die 6 euro dat het kostte gewoon jammer. Na 40 minuten zijn we gelukkig weer terug. Dit never nooit meer.

Na even de ogen rust gegeven te hebben gaan we er lopend op uit. De straatjes door achter de hoofdstraat en komen zo ook bij de hangende huizen waar Cuenca zo bekend door is. Ook deze stad is zeker een bezoek waard en later de kronkelweg door de bergen prachtig om te rijden. Ook van deze stad zie je meer in de video.

Dit was het laatste blog met als onderwerp “overwinteren” De volgende zal zich weer in Nederland afspelen. Tot dan.

Toch maar weer eens een camping?

Na 8 dagen wildcamperen wordt het wel weer eens tijd om eens lekker te douchen. Wassen bij de gootsteen gaat best maar even lekker die straal op de hoofd en lichaam te voelen daar heb ik toch wel behoefte aan.

Nu zijn er in het gebied al niet zoveel campings en als ze er al wel zijn dan in dit jaargetijde gesloten. Maar we vinden er een die volgens de NKC app het hele jaar open is. Een camping in Vera de Moncayo in de provincie Zaragoza. De routeplanner stuurt ons een onverharde weg op. Dat doen we dan ook, maar het wordt steeds smaller. Steil de hoogte in met haarspeldbochten. Dit kan niet de bedoeling zijn. Stoppen, uitstappen en de weg een stukje te voet verkennen. We staan fout, dit is niet de weg naar de camping. Stukje in zijn achteruit en bij een kruising keren. Weer naar de weg terug en met een andere app de goede weg, gewoon keurig over asfalt naar de camping.

Het hek is afgesloten met een stevige ketting en het ziet er kaal en stil uit. Dan toch maar weer een andere plaats zoeken. Die vinden we 500 meter verder bij een klooster, het Monasterio de Veruela. Het is een cisterciënzer abdij uit de 12e eeuw. Het werd in 1146 opgericht door Pedro de Atarés.

We besluiten om er eens binnen te kijken. Pensionado is nog niet zo gek want we krijgen een fikse korting. Het entree is 60 eurocent en daar krijg je dan nog allerlei gedrukte informatie bij. Het is een prachtig sober klooster. In de omringende tuinen veel olijfbomen en druivenstokken. De monniken maakte ook zelf wijn.

De volgende dag

De dag begint laat. We worden na negen wakker. Het is hier ook zo stil en donker. We staan weer helemaal alleen. We doen de deur open en zien dan de berg boven een wolkje uitkomen, sneeuw op de toppen beschenen door de zon. De dag begint goed.

Heerlijk wakker worden zo.

Na de koffie beginnen we aan een wandeling naar een iets verder gelegen dorp. Trasmos. Nooit van gehoord. Het gaat in het begin al flink de hoogte in maar wel langs bomen vol in de bloesem. Het blijft genieten. In het dorp is natuurlijk een bar en daar eerst maar eens een cortado op het terras nuttigen. Op het hoogste punt staat natuurlijk een ruïne van een kasteel en dat voor een dorp dat maar 96 inwoners heeft. 700 honderd jaar geleden kreeg het dorp ruzie met de abt van het klooster. Het had iets te maken met hout. In die tijd was het een welvarend dorp waar Christenen, Joden en Arabieren vreedzaam met elkaar leefden. De abt eiste dat er een katholieke kerk gebouwd werd dat het dorp pertinent weigerde. Later was er weer een ruzie over water en de toenmalige paus excommuniseerde het hele dorp waardoor er niemand meer de kerkelijke sacramenten kon ontvangen. De gemeenschap zat er niet mee. Het dorp is het enige dorp in Spanje dat tot op heden geëxcommuniceerd is. Nog veel later gingen er lieden die het kasteel beheerden er valse munten maken. Om het hameren, bonzen en andere geluiden in het holst van de nacht uit te leggen vertelden ze dat heksen het gebied achtervolgden. Het klooster vertelde aan iedereen dat het dorp een heksendorp was. Die reputatie bleef.

Trasmos werd bekend als het dorp van tovenarij, soms met dodelijke gevolgen. De laatste die van hekserij werd beschuldigd was Joaquina Bona Sanches, beter bekend als Tia Casca. Hij werd in 1860 in een steil ravijn gegooid nadat hij de schuld had gekregen van een golf van sterfgevallen in het dorp. Het dorp liep leeg, het kasteel verpauperde en de bevolkingsaantal liep terug naar 74 personen. Nu is er ieder jaar op de eerste zaterdag van juli een groot heksenfeest en een dorpeling wordt heks van het jaar. Die krijgt een mooi tegeltje aan haar of zijn huis met de titel heks van het jaar. Een hele eer.

In dat dorp kwamen we dus terecht en de bar heeft de naam van de laatste heks, Tia Casca.

We gaan nu verder naar de enige woestijn in Europa, Bardenas Realis in Navarra en we kwamen ook nog terecht in een alleraardigst dorp. Je ziet het in de korte video.

Warme groet en een glimlach.

Aranjuez

Waar denk je aan als je Aranjuez hoort? Bij mij komt direct de naam Joaquin Rodrigo in mijn gedachten. De beroemdste Spaanse componist aller tijden. Zijn meest bekende werk is het concierto de Aranjuez. Toen ik jaren geleden het adagio hieruit hoorde was ik verkocht. Ik hoorde de uitvoering van een gitarist samen met een klarinettist.

Joaquin Rodrigo werd toen hij drie jaar was blind. Difterie. Hij kreeg muziekles op de blindenschool en toen hij op een keer de opera Rogoletto van Verdi hoorde wist hij het, ik word componist.

In 1991 kreeg hij van de koning de titel, Marques de los jardinière de Aranjuez als erkenning van zijn bekendste werk, Aranjuez en voor zijn grote bijdrage aan de Spaanse muziek in het algemeen.

Toen ik in Toledo zag dat Aranjuez maar zo’n 50 km daar vandaan ligt wilde ik daar toch die sfeer opsnuiven.

We komen terecht op een parkeerplaats dicht bij het paleis waar we in ieder geval willen gaan kijken. We staan er helemaal alleen. Het is behoorlijk kaal maar een goede plek om de stad te verkennen.

Een van de belangrijkste monumenten is wel het Palijs Real de Aranjuez ooit de zomerresidentie van de Spaanse koningen. Karel de V bouwde er een jachtslot en Koning Filips de tweede liet het verder uitbouwen tot zijn buitenverblijf

Unesco heeft de stad opgenomen als werelderfgoed. Het paleis is omgeven door schitterde tuinen. Bij het paleis hoort de Jardinde Isabel 11 maar de oudste tuin is het Jardinière de la Isla, aangelegd op een eiland in de Taag. En op al dit moois inspireerde Juanquin Rodrigo voor zijn fameuze gitaarconcert “Concierto de Aranjuez.

We reizen nu door naar weer een andere plaats die op de Unesco Werelderfgoedlijst staat “ Cuenca”.

Weer eens “vrij”staan.

Na twee maanden in L’Albir wordt het toch wel echt tijd om iets meer van Spanje te zien. We gaan weer “on the road”. Het is mooi weer en het strand roept. Het heeft toch op mij een bepaalde aantrekkingskracht. Iets voorbij Vlllajoyosa ligt El Campello. Delen van deze plaats zijn wel 5000 jaar oud. Dicht bij de haven ligt Illetta deels Banyets. Het is een archeologische plaats met stukken die dus meer dan 5000 jaar oud zijn. Het ligt op een schiereiland dat door een aardbeving van het vaste land werd afgescheiden.

Aan de andere kant van de haven ligt een mooie boulevard van anderhalve kilometer met natuurlijk de een na de andere eethuisjes.

Wij staan hier vrij of zoals ook wel gezegd wordt, wild. Niet op een camperplaats of camping maar hier op een parkeerterrein 50 meter naast het strand.

Heerlijk rustig geslapen. Voor we verder gaan eerst nog een stuk lopen en een cortado drinken.

We gaan verder, laten Alicante voor wat het is, nou ja omdat we zo dicht mogelijk langs de kust willen rijden moeten we wel door een druk gedeelte en langs de grote haven. We gaan nog even op zoek naar de vuurtoren en hebben vandaar een goed zicht op de baai. Het is nog vroeg anders waren we hier blijven staan om te overnachten. Goede plek om vrij te staan.

Doorrijden naar playa de las Marina. Voor we er komen zien we in de verte een witte gloed. Als we dichterbij komen blijken het allemaal grote witte campers te zijn. Ze staan op een openbaar parkeerterrein en zo te zien moet je hier dus overnachten. Het is helemaal vol en wij rijden door naar het strand. Maar voor wij daar komen passeren we een bord.

Verboden hier om in je camper te overnachten

Wat te doen? We rijden door naar een mooi plaatsje bij het strand. Het valt wel op dat wij bijna de enige zijn. Alleen nog twee Duitse camperaars. Eerst maar even een stukje lopen en dan besluiten wat te doen. De revieuws geven aan dat er iedere avond politie langskomt om te handhaven. We besluiten maar om voor de nacht een andere plaats op te zoeken. %00 meter verder gaan we de nacht doorbrengen in een rustige straat. Dat mag dan weer wel en de volgende ochtend voor het ontbijt weer terug om bij het strand te staan. Uitstekend geslapen.

Slaapplekje in een straat

s’Morgens weer terug naar de strandplek en ontbijten op het strand. Saai is het niet. Er komen 4 paarden aan met berijders en deze gaan alleen te water. Een paard moet het nog leren en wordt meegenomen door de andere drie. Prachtig om te zien. In de video zie je hoe dat gaat.

Met een hoofdrol voor de paarden.

We hebben afgesproken op een kleine camperplaats iets buiten San Isidro en daar gaan we nu naartoe. Daarover meer en een volgend bericht uit Spanje.

Het verhaal van de knie

Achttien januari was het laatste blog dat ik plaatste. Waarom? Gewoon geen zin. Dat overkomt mij weleens. Nu kwam dit voornamelijk door de pijn in mijn knie. Door te weinig lopen behoorlijk chagrijnig worden. Lopen zit in mijn systeem. Naar de fysiotherapeut, oefeningen doen maar dat helpt niet echt. Dan maar naar de orthopeed.

Een Nederlandse man dat is taaltechnisch wel makkelijk. Waarschijnlijk had hij direct al door wat er mankeerde maar hij wilde toch een MRI laten maken. Ik zelf dacht aan wat gruis in mijn knie en dat kon er met een kijkoperatie wel uitgehaald worden. Probleem opgelost toch? Niet zo moeilijk.

Gisteren was het zover. Afspraak om kwart over vier. Natuurlijk als echte Nederlander ruim van te voren aanwezig. Wachten, wachten tot ik om vijf voor vijf uit de wachtkamer geplukt word en meegenomen naar de MRI ruimte. In een soort kast staat een krukje en er liggen een soort plastic jurken en nylon voetjes. Kleed u maar uit, alleen de onderbroek aanhouden en dan zo’n jurkje aantrekken en die voetjes aan de voeten. Over een minuut bent u aan de beurt. De deur scharniert dicht, een gewone deur zou niet passen. Het zou kunnen dat dit een test is om te kijken of je claustrofobisch bent. Het is nl zo’n klein hokje en die ene minuut werden er weer tien. Daar zit ik dan in mijn jurkje op een krukje. De deur wordt open gedaan en ik mag mee naar de MRI tunnel. Mijn been wordt vastgesnoerd ik krijg oordopjes en langzaam schuif ik de tunnel in. Wat een herrie is dat maar toch val ik bijna in slaap. Dertig minuten later schuif ik er weer uit en mag ik de kast weer in. Bukkend bij het strikken van mijn veters bonk ik met mijn kont tegen de deur. Aangekleed kom ik uit de kast.

U kunt een afspraak bij de receptie maken voor een consult bij de orthopeed. Vale, gracias.

Bij de receptie wordt een telefoontje gepleegd en wat denk je, ik kan direct terecht bij de orthopeed. Het is inmiddels zes uur en hij is gelukkig nog aanwezig. Dan komt zijn uitspraak. Het is geen gruis maar aan twee kanten artrose. Ouderdom. Niets aan te doen. Draaglijk houden met ontstekingsremmers of een injectie met corticosteroïden.

Wat te doen? Blijven bewegen en gewoon lopen, kijken wat ik aan kan, het wordt er niet beter maar ook niet slechter van. In het uiterste geval een halve of hele kunstknie. Dank u wel. Het is net wat de rijdende rechter altijd zegt: Dit is mijn uitspraak en hier zult u het mee moeten doen.

Het voordeel voor mij is dat ik niet hier geopereerd hoef te worden en dus weer lekker wat verder trekken. 10 februari gaan we dat doen. Op dit moment trekken we er nog veel op uit met de auto die we voor een maand gehuurd hebben. Het achterland is hier prachtig en de amandelbloesem staat in bloei.

De booster die niet doorging.

In Nederland kon ik de boosterprik nog niet krijgen. Er zat nog geen 6 maanden tussen de vorige. Het wisselt nog al eens want nu hoeft er opeens maar drie maanden tussen te zitten. Het is maar hoe het het beste uitkomt. Maar geen gezeur, ook in Spanje kan ik de boosterprik krijgen. Het kost wat moeite maar ik heb toch tijd genoeg.

Eerst zorgen voor een SIP bewijs. Met zo’n bewijs ben je tijdelijk inwoner. Per ongeluk nam ik de verkeerde ingang, het was eigenlijk de uitgang en ik stond als tweede aan het loket. Later zag ik dat er buiten een rij stond die een voor een naar binnen mochten. Binnen tien minuten had ik het bewijsje en een afspraak voor de booster prik. Het is 22 december 2021 en de prik krijg ik 17 januari. Er zit wel een behoorlijke tijd tussen maar ik vind dat niet erg want ik wil eerst de ontwikkelingen met het omikron variant afwachten.

Nu is het 17 januari en ik heb besloten een prikje te gaan halen. Lekker op de fiets naar het Centro de Salut in L’Alfaz del Pi. Als echte Nederlander ben ik stipt op tijd 13:34. Nu wel door de echte hoofdingang maar het was opvallend rustig. Ik laat mijn papieren zien aan een aardige verpleegkundige en ze begint nee met haar hoofd te schudden. Espera aqui, wacht hier even. Zij verdwijnt met de papieren achter de schermen en komt met nog een aardige dame terug. Aqui ya no vacunamos tieners qui ir a Benidorm. Na enige tijd had ik door wat ze zei, wij vaccineren hier niet meer, u moet in Benidorm zijn.

Weer alle papieren mee het kantoor in en na een tijdje komt ze terug met een nieuwe afspraak voor mij maar dan in Benidorm. Donderdag mag ik. Toevallig moet ik die dag ook naar de orthopeed in Benidorm dus dat komt goed uit.

In Nederland was ik waarschijnlijk razend geweest maar hier denk ik, nou en? Ik heb alle tijd, het werd mij heel vriendelijk meegedeeld en donderdag moet ik toch in Benidorm zijn. Dit is het relaxte Spanje.

Op de terug weg kom ik nog langs een plek waar ze sinaasappelen aan het plukken zijn, even afstappen en een foto maken. Het was weer een leuk uitje.

%d bloggers liken dit: