Jerez leeft op het ritme van paardenhoeven, flamenco en glazen sherry. We parkeren de Sprinter aan de rand van de stad op een CP en duiken een paar dagen onder in Andalusische drukte, historie en feestgedruis.

Al een paar jaar staat er op mijn verlanglijstje de Feria del Caballo, de beroemde meifeesten van Jerez. Eindelijk gaat het er van komen. Maar eerst een kijkje in alweer zo’n icoon van Jerez

De Real Escuela Andaluza del Arte Ecuestre , de Koninklijke Andalusische School voor Paardenkunst.

Hier lopen paarden die meer danspassen beheersen dan ik na drie glazen fino sherry.

Om elf uur zijn we welkom om uiteraard na betaling binnen te treden in het paardenheiligdom.
De fontein sproeit, de zon schijnt en in de buitenbak zijn paarden bezig. De jinetes de alta escuela (ruiters van de hoge rijkunst) zijn bezig met de dagelijkse training.

Er zijn hier alleen maar hengsten. Ze hebben meer uitstraling, kracht en spectaculaire beweging. Dit is voor de klassieke rijkunst nodig.
Merries zouden tijdens trainingen en shows onrust kunnen veroorzaken, waardoor hengsten hun aandacht verliezen en instinct belangrijker wordt dan perfectie. Dat kan natuurlijk niet.

Tot en met hun derde jaar hebben de hengsten een vrij leven ergens in het land. Daarna gaan de krachtstigste dieren naar de school en krijgen ook ze een twee jaar durende basis opleiding. Alleen de beste mogen blijven en dan na weer twee jaar mogen of eigenlijk moeten ze mee doen aan de show.

Wij maken een repetitie mee waar de paarden op muziek lopen, dansen en springen. Prachtig om te zien maar het roept ook vragen op. In hoeverre mogen wij mensen, dieren dwingen dingen te doen die zij in het vrije leven echt niet zouden doen. De sporen op de laarzen van de ruiters worden veelvuldig gebruikt.

We lopen rond. Bezoeken het museum en om 2 PM worden we vriendelijk verzocht te vertrekken. Sluitingstijd.

We fietsen door naar de oude stad en komen weer in een heel andere wereld terecht

De Catedral de Jerez

een mix van gotisch, barok en renaissance. alsof drie architecten ruzie hadden maar uiteindelijk toch vrienden werden. Van binnen hoog, koel, en doordrenkt van die kerkgeur die ik zo goed ken uit mijn tijd als koorknaap in de kathedraal van Haarlem.

Bij binnenkomst, uiteraard na betaling krijgen we een soort ouderwetse telefoon. Druk een nummer in en alle info over de geschiedenis komt je oren binnen. Bij het hoofdaltaar, een barok monument vol goud, vertelt de stem dat het werk meer dan honderd jaar in beslag nam. Ik neem even plaats op een kerkbank en laat alles even op mij inwerken. Bij de Capilla de la Rosa bewaart men naar verluidt een doorn uit de kroon van Christus. Of hij er echt in zit, weet ik niet.

Zo zijn er nog twee grote kerken in Jerez maar voorlopig is een bezoeken, ruim voldoende.

De Feria begint vanavond. Nu regent het borrelglaasjes en de Feria wordt aangekondigd met het geluid van onweer. Vanavond schijnt het droog te zijn. Later daarover meer.