De drie woorden schrijfuitdaging van Bert. Deze maand: Engeland, leisteen en korst.

Billy staat stil, de molotov cocktail zwaar in zijn hand, alsof een sterke arm hem naar de grond drukt. Voor hem doemt het logge silhouet op van een Engels pantservoertuig, zijn rupsbanden knarsend over de natte straat. Duizend gedachten vliegen door zijn hoofd.

Hij denkt met haat aan de, Iron Lady, die in Engeland de opdracht geeft om de “terrorististen” te vernietigen.

Hij denkt aan de muren in de bogside van leisteen, zwart van de regen, grijs van het kruit. Elke scheur erin vertelt een verhaal dat iedere nacht weer door zijn hoofd spookt.

Hij denkt aan zijn eigen hand, vol littekens, en aan de stad zelf die één grote korst lijkt: telkens opengekrabd, telkens bloedend, nooit de kans om te helen.

Zijn vingers trillen, gooien? Vrijheid, wraak, of nog meer moeders die huilen?

Het pantservoertuig stopt. Een luik klapt open.

Billy ademt diep in. De fles brandt al in zijn hoofd, maar zijn hand blijft roerloos.