Bert!” schreeuwde Geesje, terwijl ze met al haar kracht aan de hendel trok. Deze keer gaf het mechanisme mee. De kooi kwam abrupt tot stilstand, de onderkant al in het water. De inktvis draaide in het rond, zijn tentakels omhoog reikend naar zijn prooi.

 Nicos keek haar aan, zijn ogen koud en berekenend. Je speelt met krachten die je niet begrijpt, zei hij met zijn zalvende stem. Je kunt hem redden, maar een zal moeten worden geofferd en dat ben jij dan.

 Geesje voelde een ijzige angst in haar maag. Ze wist dat hij het meende. Maar Bert kon ze niet zomaar achterlaten. Met één laatste ruk trok ze de hendel volledig los, en de kooi schoot omhoog. Bert viel eruit, op de metalen vloer naast het aquarium. Bloed liep uit zijn mond en hij was nauwelijks bij bewustzijn.

Geesje knielde bij hem neer en hij fluisterde, Ren, vlucht, het is te laat.”

Geesje keek naar de enorme inktvis, die haar nu recht aankeek. Het beest leek te begrijpen wat er gebeurde. Het kronkelde, sloeg tegen het glas van zijn bak, alsof het haar uitdaagde. Nicos stapte dichterbij, zijn hand naar haar uitgestrekt. “Het is aan jou. Blijf, en je leeft. Of probeer te vluchten, en je zult niet ver komen.”

 Geesje’s handen balden zich tot vuisten. Haar ademhaling was snel, haar hartslag leek wel onweer. Ik ga niet zomaar weg,” fluisterde ze.

 Toen hoorde ze een schreeuw. Ruben. Hij werd naar binnen gesleurd door twee lijfwachten, zijn gezicht een mengeling van paniek en woede. Geesje’s ogen ontmoetten de zijne, en ze wist dat op dit moment ontsnappen niet mogelijk was. Dit was oorlog.

(Wordt vervolgt)

Dank aan Bert Brinkman van Sportnietaltijdleuk