Het is een drukte van belang. De zon staat hoog en de vogels laten van zich horen. Boomklever, roodborstje, pimpelmees, specht en dan, scherp en kort, de roep van de buizerd.

Alleen hem zie ik. Hoog cirkelend, onaantastbaar. De rest blijft verborgen. Alsof ze weten wat er boven hen hangt.

Ik loop door lange, lege lanen. Het licht valt zacht tussen de bomen.

Voor me uit schuifelt een man in een rustige sukkeldraf. Geen haast, geen doel dat zichtbaar is. Alleen beweging.

De weg splitst zich. Rechts rechttoe rechtaan. Links een zachte kronkel het bos in. Ik twijfel niet.

Ik kies de kronkel. Altijd, nou ja, meestal. Omdat daar iets gebeurt. Omdat daar het verhaal zit.

Langs de kant liggen bomen opgestapeld. Klaar voor de kachel. Hun verhaal stopt hier. Even verder staat er één die blijft. Getekend, vervormd, vol knoesten. Hij draagt alles wat hij heeft doorstaan nog zichtbaar met zich mee.

De zon valt tussen de stammen door. De vogels laten zich horen, maar blijven uit beeld. Alleen de weg ligt open.

En die mag van mij best een beetje slingeren.